Stefan leest: Oorlog en Vrede (6)

Stefan Leest Tolstoj: Oorlog en Vrede
Nu op:
bladzijde vierenzeventig
Bladzijdes gelezen:
nul (sinds de vorige aflevering)
Huidige gemoedstoestand:
mysterie opgelost!
Waardering: Nog geen.

“In de kerstvakantie heb ik vast tijd om Oorlog en Vrede te lezen…” Die vlieger ging mooi niet op. Er stonden nog een hoop dozen met rotzooi uit mijn leven (agenda’s, schoolschriften, tekeningen en proza). Daar kwam ik ook een hoop cassettebandjes tegen, waaronder deze:

De naam van de andere ben ik vergeten, maar het ging over een moedig man onderweg naar Jakoetsk of Irkoetsk, of in ieder geval iets dat eindigt op Koetsk. En het ging dus over sneeuwstormen, brieven en een tsaar. Ook staat me nog wolvengehuil en dood en verdriet bij, maar het kan ook zijn dat mijn fantasie inmiddels op hol slaat. Het bandje zat in een blauw hoesje, met een man met bontmuts erop. Enfin, het bandje ligt ergens in een doos, gok ik, en ik heb iets beters te doen dan hem daadwerkelijk te gaan zoeken, maar mocht iemand ingeburgerd zijn in de Russische literatuur (of slappe kinderaftreksels ervan), of een site met Russische verhalen weet, dat zou mij enorm helpen (mijn zoektochten zijn tot op heden zonder resultaat).

Mysterie opgelost:

Het is een verhaal van niemand minder dan Jules Verne:

Michael Strogoff krijgt een heel gevaarlijke opdracht. Hij moet ervoor zorgen dat er een belangrijk bericht tot bij de broer van de tsaar komt. Maar onderweg moet Michael afrekenen met vele hindernissen, waaronder een valse spion…

Mysterie opgelost dus, maar het brengt me geen bladzijde verder in Oorlog en Vrede.

Een wit laken bedekt het leven

Vergeef me als u deze titel té poëtisch vindt, maar ik gaf (voor de verandering een keer) de voorkeur aan een mooie titel in plaats van net als de rest van Nederland de draak te steken met de sneeuw. Ik begin eigenlijk aan ieder jaar met het idee “dit jaar gaat het beste jaar ooit worden.” Er zijn altijd dingen waar ik naar uitkijk. Van een nieuwe mijlpaal tot een nieuwe cd, van kleine overwinningen tot geestelijke veldslagen die gewonnen moeten worden. Eerlijk gezegd win ik die veldslagen lang niet altijd en in sommige gevechten ben ik nog steeds meer dan betrokken.

Er waren heel veel mooie dingen het afgelopen jaar, maar er waren ook veel dingen die enorm tegenvielen. Terwijl ik, met name de laatste paar maanden, het idee heb dat mijn leven alleen maar leuker wordt, zijn er ook steeds meer dingen die me droevig stemmen. Oneerlijke dingen. Toch blijft er een soort evenwicht bestaan. De droevige dingen worden droeviger, de leuke dingen zijn oprecht ook leuker. Waarschijnlijk is dat gewoon ‘het leven’, maar ik merk dat ik iets minder optimistisch ben over 2010 als dat ik over 2009, 2008, 2007 was. Aan de ene kant vrees ik een status quo, aan de andere kant vrees ik keuzes. En toch probeer ik zonder zorgen door het leven te huppelen. In de hoop dat andere mensen er achteraan huppelen. En dat als we allemaal huppelen, we niet door hebben dat het moeizaam gaat. En dat ik dan ook mijn zorgen vergeet. Het (avontuurlijke) leven lijkt tegenwoordig na je studie voorbij te zijn. Ik zou NU het avontuur in moeten. NU moeten leven. Maar als dat betekent dat ik allerlei situaties zou moeten forceren, dan hoeft dat voor mij helemaal niet. Ik vind het veel leuker om gewoon met aardige mensen een gezellige avond te hebben, zonder dat ik meteen de helft van mijn hersencellen moet doden. Ik vind in mijn omgeving steeds meer mensen die dat ook vinden. Dat is een positieve ontwikkeling. Dan ben ik misschien maar een oude zak in een jong lichaam, maar wel een leuke oude zak.

Deze dagen bedekt een witte laag het leven. Ik hoop dat als het witte laken verdwijnt, 2010 alles is wat iedereen ervan verwacht, maar dat het bovenal een mooi jaar is. Ik verwacht dat er heel veel mooie dingen staan te gebeuren. Ik begin met een nieuwe baan, mijn eerste échte, een nieuw avontuur dat hopelijk een groot succes gaat worden. Ik ga als het goed is ook mijn eerste uren op de radio presenteren en er valt weer genoeg te beleven op het gebied van mijn favoriete band. 2010 heeft de ingrediënten om weer een fantastisch jaar te worden. Maar dat had 2009 eigenlijk ook. Het kan dus alle kanten op gaan. Maar ik hoop op het beste.

Kings of Convenience op zoek naar stilte

Dit verslag heeft even op zich moeten laten wachten, maar nu is het zover. Gezien: Kings Of Convenience – 11 oktober 2009 in Paradiso Rotterdam en 10 november 2009 in Watt Rotterdam.

In juli 2004 zat ik in de Paradiso bij een concert van de Kings of Convenience. Ik heb nog steeds goede herinneringen aan die avond, net klaar met de middelbare school, klaar om het universiteitsleven in te duiken. Naast een aantal fantastische uitvoeringen van hun eigen nummers, speelde Erlend ook een grappig nummer genaamd Everybody’s Got A Friend in Stockholm. Het publiek is niet alleen klapvee, maar ook achtergrondkoor, ritmesectie en professioneel fotograaf (tijdens de fotosessie). Een dikke vijf jaar later staan de Kings of Convenience wederom in de grote zaal van de Paradiso. De stoelen zijn verdwenen, nu moeten we gewoon staan. Ik ben best wel opgefokt, mijn op-een-na-favorietste-band heb ik al meer dan 5 jaar niet gezien en mijn verwachtingen zijn hooggespannen. Het helpt ook niet dat mijn huidige leven uit zorgen maken bestaat: heb ik überhaupt wel geld voor dit soort grapjes? Moet ik niet nog harder naar werk zoeken? Enfin, ik ben wel toe aan een avondje ontspannende gitaarmuziek, maar voordat de eerste noten zijn gespeeld ben ik niet bepaald relaxed.

Paradiso, Amsterdam (11 oktober)

En de Kings of Convenience ook niet, zo lijkt het. Eirik Glambæk Bøe glimlacht vriendelijk naar het publiek, maar Erlend Øye lijkt er op zijn zachtst gezegd geen zin in te hebben. Beide heren leveren commentaar op het luide publiek (dat vooral enthousiast lijkt te zijn, niet storend). Erlend geeft zelfs een flesje water aan een hoestende toeschouwer. Het illustere werkt vervolgens plichtmatig enkele nummers van Declaration of Dependence af. Tussen de nummers door zucht Erlend flink, kijkt hij duf het publiek in en verwoordt hij hardop gedachten van het publiek “ooh, they look at each other, are they gay?” Pas bij Singing Softly To Me lijkt er wat schwung in te komen. Zelfs Erlend begint spraakzaam te worden. Nadat Eirik vertelt over hoe leuk hij het vindt dat de Paradiso nog steeds hetzelfde is (in andere steden spelen ze steeds in andere zalen, maar in Amsterdam altijd in dé Paradiso). Erlend voegt er op licht zeikerige toon aan toe dat hij maar één probleem heeft met de Paradiso: de Douwe Egberts koffiemachine. Na drie kwartier begint het merendeel van het publiek, hoewel zeker genietend van de mooie uitvoeringen van de nummers, zich af te vragen of “dit het nu is.” Zijn dit de Kings of Convenience met de vrijwel perfecte live reputatie?

Nee! Net op dat moment roepen de twee koningen om versterking. Daar verschijnen Toby, een Duitse violist, en Davide, de producer van de CD en vandaag bespeler van de contrabas, en wordt een mooie versie van Stay Out Of Trouble gelanceerd. En het heeft een duidelijk effect. Erlend verandert vrijwel meteen in de dansende nerd die we kennen van The Whitest Boy Alive. Hij zweept het publiek op en moedigt aan tot zingen, klappen, vingerknippen: dit is de reden waarom Erlend de wereld rondtrekt. Het optreden wordt tijdens het laatste uur naar een hoger niveau getild. Klassiekers !  en Know-How passeren de revue. Met name Toby schittert als hij tijdens diverse nummers muzikale grapjes op zijn viool uithaalt, tot zichtbare vreugde van Erlend en Eirik. Davide schittert als Italiaanse droogkloot. De droge hummer van het viertal komt tot een climax tijdens een hoogdravend verhaal van Erlend, waarbij het publiek oerwoud/vogelgeluiden moet maken en dat eindigt in een Zwitsers hutje met een waltz-versie van I’d Rather Dance With You, waar het nummer heel duidelijk NIET geschikt voor is. Maar ze zitten het uit, het viertal maakt het af; ze worstelen zich naar het eind. Na afloop bekent Eirik dat ze deze versie tijdens de soundcheck hebben bedacht en dat ze er zelf erg fan van zijn. Ach, het is te waarderen.

Daarna volgen nog nummers als Mrs. Cold en Boat Behind, die goed overeind blijven in de liveversie. Jammer genoeg worden klassiekers als Toxic Girl en Failure niet gespeeld. Tijdens de  encore besluit Eirik om suggesties te vragen. Een slecht idee: chaos ontstaat als iedereen zijn favoriete nummers roept. Uiteindelijk spelen de heren Cayman Islands, een nummer dat toepasselijk genoeg ook over Amsterdam gaat. Daarna speelt de band een opgerekte versie van Little Kids. Erg mooi allemaal. Erlend krijgt de lachers op zijn hand met What If (Justin Timberlake moved to Europe), een simpel nummer met een briljante tekst.

Terugkijkend krijgt het publiek met ruim twee uur materiaal waar voor zijn geld. We kregen weliswaar een wat krampachtig begin, maar het gezellige, vrolijke einde maakte dat meer dan goed. Als Erlend zijn “ik ben depressief tijdens het eerste half uur”-routine laat vallen en de heren vanaf het begin wat relaxter zijn, ben ik meer dan tevreden.

Watt, Rotterdam (10 november)

Eerlijk gezegd was ik bijna niet naar dit concert gegaan. Ik had min of meer “voor het geval dat” twee kaartjes voor dit concert gekocht. Maar Rotterdam is wel mooi twee uur met de trein. En ik had niet zo’n zin om in mijn eentje naar het concert te gaan. En ik had de heren al gezien. En dat was een goed concert, maar dat krampachtige gedoe aan het begin was mij niet goed bevallen. Toch wist ik mezelf te overtuigen om te gaan: voor hetzelfde geld duurde het weer vijf jaar voordat de Koningen naar Nederland zouden komen… En ik wist iemand zover te krijgen om mee te gaan. Dus mijn gouden “ik ga niet alleen naar concerten”-regel hoefde ik niet eens meer te overtreden.

In Rotterdam was het al aan de drukke kant toen we arriveerden. We moesten zelfs een tijdje in de rij staan (met name de rij voor de garderobe was HEEL lang). En in de zaal waren er niet veel plaatsen met goed zicht meer over. Uiteindelijk vonden we een plek vlakbij de uitgang. Toen de Kings of Convenience op het podium verschenen, merkte ik meteen een verschil. In plaats van opmerkingen te maken over het publiek, of stilte te eisen, begonnen de heren gewoon met spelen. En nog wel met Until You Understand, misschien wel het mooiste liedje wat ze ooit hebben geschreven! Alleen dat al was de reis en het geld waard.

De Noren maakten tijdens het gehele concert een ontspannen indruk. Iedereen mocht zelfs gewoon foto’s maken (hoewel ik wel het idee had dat er minder foto’s werden gemaakt dan normaal, dus misschien zijn de “regels” gewoon algemeen bekend nu?). De gespeelde liedjes waren veel evenwichtiger verdeeld over de drie albums. Van het nieuwe album speelden de heren Me in You, Mrs Cold, Boat Behind, 24-25, Power of Not Knowing, To Rule My World en Second To Numb, van de voorgangers speelden ze Misread, Know-How, Homesick, I’d Rather Dance With You en een aantal klassiekers die ontbraken bij het concert in Amsterdam, waaronder Toxic Girl en I Don’t Know What I Can Save You From. De opzet van het concert was verder hetzelfde. Eerst speelden Eirik en Erlend als duo, daarna werd de band geroepen. Maar het contrast was op de een of andere manier minder groot.

In de encore bleek dat Erlend het niet alleen heet had, maar ook last had van zijn maag. Daarom speelde Eirik in zijn eentje een cover, Corcovado. Erlend viel halverwege in met een mondtrompetsolo. Daarna speelden de heren Little Kids dat later steeds meer op I Was Made For Loving You en vervolgens Stand Up For Your Right en de theme from the Pink Panter begon te lijken. Het werd allemaal zolang gerekt, dat het erop leek dat de heren I’d Rather Dance With You maar zouden laten zitten. Maar dat liet het publiek niet gebeuren. Er werd hard genoeg geklapt voor een tweede encore en zodoende kregen we alsnog de klassieker. Aan het einde dook Eirik zelfs het publiek in!

Conclusie
Al met al twee mooie concerten, maar allebei met een andere sfeer. Ik vind de band aanzienlijk leuker als ze wat minder panisch over de regeltjes doen en gewoon mooie muziek maken. Natuurlijk moet het publiek zijn mond dicht houden op de stille momenten, maar als de muziek écht heel mooi is, en het publiek wil er écht graag zijn… Op zulke momenten hoef je die regel helemaal niet uit te leggen. En dat was eigenlijk in Amsterdam én in Rotterdam het geval. Soms is less echt more… Dat zou je de Kings of Convenience eigenlijk niet uit hoeven te leggen.

Een Zesde Week Muziek

Kijk, het lukt me zowaar om twee weken achter elkaar een week muziek te posten! Het moet niet gekker worden. Behalve dat het al woensdag is. Dat krijg je als je het op maandag en dinsdag heel druk hebt. Volgende week hopelijk de kerstaflevering!

Some_People_Have_Real_Problems-Sia_480Sia – You’ve Changed

You’ve changed for the better!

Vorig jaar scoorde Lauren Flax en Sia een hitje in de clubs. You’ve Changed deed het heel aardig op de dansvloer. Sia kenden we natuurlijk al van The Girl You Lost (To Cocaine) – ook succesvol geremixed) en Breathe Me. Sia’s nieuwe album zit er inmiddels aan te komen. Begin 2010 moet We Are Born verschijnen. En Sia vond het liedje dat ze met Lauren Flax maakte zo gaaf, dat ze het zelf ook maar opnam. Een nieuwe versie van You’ve Changed dus, met lekker gitaartje en gezellige koortjes. De euforie straalt er vanaf. Dat je Röyksopps Remind Me zo er overheen kunt zingen, moeten we maar even voor lief nemen. Ik vind hem gaaf. En dat ligt heus niet alleen aan mijn huidige gemoedstoestand.
Will remind will remind will remind me, will remind will remind will remind me >>

boatbehindKings of Convenience – Second Violin

Sick and tired of playing second violin
He gracefully steps off the train
Pledging never to return to the town
That never once applauded him

Dit nummer staat helaas niet op het derde album van de Kings, wat waarschijnlijk betekent dat we geen studioversie van Erlends mondtrompet gaan horen voor 2054. Maar het is natuurlijk ook een beetje de vraag of die mondtrompet op plaat net zo gaaf klinkt… De mondtrompet is eigenlijk ook een beetje de enige gimmick van het nummer. Bij nadere beschouwing is de tekst ook aardig, een van de meer directe teksten van de Kings, met toch mooie beelden en emoties erin verwerkt. Dat spreekt me eerlijk gezegd meer aan dan de semi-intellectuele filosofie die op sommige nummers op Declaration of Dependence is te horen.
I have more trumpets at home, do you want to see them? >>

r88Röövel Ööbik – Let’s Do Your Hair

So, honey,
Let’s do your hair!

We zijn natuurlijk allemaal extreem in touch met de muziek / indiescene in Estland, dus dit liedje komt voor niemand als een verrassing, en we hebben allemaal van Röövel Ööbik gehoord. Die band is namelijk een grootheid in de indiescene van Estland. Opgericht in de jaren ’80 mochten de heren in de jaren ’90 als eerst Oost-Europese band bij John Peel en de BBC langs. Nog meer leuke feitjes: ze brachten de eerste Estse rock cd uit, getiteld Popsubterranea en eerder dit jaar kwam hun nieuwste cd Ringrada uit.
Kijk ook eens wat vaker in de spiegel van de kapper >>

m_wardM.Ward – Let’s Dance (David Bowie cover)

If you say run, I’ll run with you
If you say hide, we’ll hide
Because my love for you
Would break my heart in two
If you should fall
Into my arms
And tremble like a flower

Het origineel kan ik niet anders beschrijven dan als “vreselijk vervelend”, maar deze laidback versie van M. Ward is erg relaxed. Het is natuurlijk al vaker gedaan, over de top jaren 80 hits in een uitgekleed jasje, maar deze vind ik zeker de moeite waard. Maar in de disco kun je hem niet draaien. Wellicht ‘s avonds laat, als je thuiskomt? Bepaal het zelf maar.
Nu: nieuwe muziek met oude video >>

Reverend-And-The-Makers-The-State-Of-Thin-413856Reverend & The Makers – Heavyweight Champion of the World

I could’ve been a contender
Could’ve been a someone
Caught up in the rat race
And feeling like a no-one
Appearing in the papers
With the money and the girls
I could’ve been The Heavyweight Champion of the World

Al vroeg had ik besloten dat ik Reverend & The Makers ging negeren. Hun debuut heette namelijk State Of Things en Turin Brakes hebben een EP die zo heet en ik wilde die term met Turin Brakes blijven associëren. Maar goed, toevallig hoorde ik laatst dit liedje en het klinkt hip en lekker en uptempo. En dat kan ik niet negeren. Helaas voor mij, maar gelukkig voor jullie (denk ik). Het heeft wat van Kasabian, maar toch weer net niet.
Deze gast houdt van verkleden, blijkbaar >>

Suggesties zijn welkom!

Een Vijfde Week Muziek

Zo, daar gaan we weer. Vijf liedjes om de week mee door te komen. Bij dezen beloof ik dat er dit jaar nog minstens één editie komt: de kersteditie. Supervet.

Fink-Distance_And_Time_bFink – If I Had A Million

It’s a very fine line, babe,
Between you and me
Between you and I
And i crossed it many times
Still you’re mine babe
So if i had a million
You would have a million too

Gisteren was ik in Roepaen bij Lightning Dust (met in het voorprogramma mijn goede vriend Mischa). Voorafgaand aan de sets stond een cd van Fink op, die in het voorjaar van 2010 het Ottersumse Cultureel Podium zal opluisteren. En Fink klonk verrassend aangenaam. Ooit triphop dj, nu soulvolle singer/songwriter. Het bedrieglijk simpele If I Had A Million komt van zijn eerder dit jaar verschenen Sort Of Revolution (overigens: briljante titel). Met gratis lekkere gitaarslag.
Ik wacht met spanning op mijn centen!

jamiroquaiJamiroquai – Talullah

There’s ink stained with tears
All these letters from my heavy heart
This is what I always feared
That these sparks would fly (fly!)
And we would break apart

Waarom zou deze rubriek eigenlijk alleen actuele liedjes mogen bevatten? Dit is een klassiekertje voor mij. Ik heb niet zoveel met Jamiroquai, maar op de een of andere manier kwam ik toch in bezit van Dynamite, zijn recentste studioalbum ik viel meteen voor deze rijkgeproduceerde jazzpop. De koortjes, blaasinstrumenten, violen… Het is relaxed, fijn en mooi tegelijk. Ik kan er dan ook geen genoeg van krijgen. En hij duurt lekker zes minuten. Zes minuten mierzoet, maar ik lepel het allemaal op.
Sjies gonnaweej, flaing out on a zjetpleen! >>

tokillakingukTo Kill A King – Cold Skin

Start A War, We’re not killing anyone except ourselves…

In het verleden heb ik de naam van Kid iD al eens laten vallen. Het sympathieke folkmetblazersrockbandje uit Engeland stond ooit in het voorprogramma en timmerde sindsdien alleen maar harder aan de weg. Maar de doorbraak bleef uit, zelfs na de eerder dit jaar verschenen (overigens sterke) EP Black Comedy. De afgelopen maanden gingen enkele bandleden weg en kwamen er andere voor in de plaats. Ook de muziek evolueerde. De blazers kwamen minder op de voorgrond te staan en de zangpartijen werden verder ontwikkeld. En om deze nieuwe muzikale identiteit te bevestigen, werd de bandnaam veranderd naar To Kill A King. De eerste release moet er nog aankomen, maar op Myspace kunnen we de eerste nieuwe liedjes al luisteren. Ik ben niet van alles even onder de indruk, maar Cold Skin is erg lekker. Het rockt!
Niet te downloaden, wel te luisteren op Myspace weetje!

KlootI Am Kloot – To The Brink

Do you fancy a drink,
In a place called the brink
Do you wanna go there?

Vandaag werd ik ineens overvallen door een gevoel van melancholie. Naar I Am Kloot luister ik altijd in fases. Er kunnen maanden voorbij gaan dat ik ze nauwelijks luister, maar vandaag wilde ik ze ineens weer horen. Enkele weken geleden speelden de heren op de Nederlandse podia, maar die optredens heb ik aan me voorbij moeten laten gaan. Gelukkig voldoen de cd’s voor nu, gecombineerd met nieuw materiaal op YouTube. Een van de nieuwe liedjes heet To The Brink. Het is hopen dat dat nieuwe album, opgenomen met de heren van Elbow, er snel gaat komen. En vooral ook dat het eindelijk weer een heel goed album is. Want na alle tussendoortjes (BBC Sessions, Moolah Rouge, B) kunnen we wel weer een klassieker gebruiken.
Zet je het volume harder, haalt die gast weer te hard uit… Het is nooit goed…

rebekka-2z9p9154-klarRebekka Karijord – Wear It Like A Crown

Cause if I don´t follow my heart this time
I´m gonna forget what this life is all about
I´m gonna take that path I´m going in on my own
I´m gonna take that fear and wear it like a crown

Rebekka zag ik in het voor- en hoofdprogramma van Ane Brun zingen en spelen (onder andere op harp). Dat deed ze heel aardig, maar eerlijk gezegd is maar één liedje van dat optreden écht blijven hangen (The Collector). Dat liedje komt van haar album uit 2005. Sindsdien heeft ze nog meer muziek gemaakt en geacteerd. In oktober verscheen haar nieuwste album, The Noble Art of Letting Go, waarvan Wear It Like A Crown de eerste single. Verwacht hevig gestileerde pianopop, in het straatje Ane Brun en Nina Kinert. Blijkbaar is het Rebekka allemaal goed bevallen op Roepaen, want ook zij komt komend voorjaar terug naar het Limburgse dorp voor een concert. Zouden ze daar aan abonnementen doen?
Ik heb natuurlijk geen verstand van mode enzo, maar die jurk, is die niet gewoon raar?

MM: Sondre Lerche, Little Boots, Athlete

Athlete – Black Swan

200px-Black_Swan_AthleteZo moge dan nog zo’n sympathiek bandje zijn, Athlete maakt het zichzelf af en toe best moeilijk. Dat hebben ze overigens gemeen met mijn favoriete band Turin Brakes.Black Swan is het vierde album van de band. Hun debuut Vehicles and Animals was een speelse plaat en dat speelse karakter, dat zijn ze eigenlijk op hun vervolgalbums uit het oog verloren. Met name Tourist (2005) was een niets verhullende poging tot emopop (en nog vrij succesvol ook, met Wires als hit). Beyond the Neighbourhood was commercieel gezien minder succesvol, maar naar mijn mening muzikaal gezien interessanter. Black Swan borduurt voort op Beyond… maar voegt daar vrij weinig aan toe.

Het probleem zit hem een beetje in wanhoop. De plaat ruikt een beetje als alles of niets. Snow Patrol deed hetzelfde met Final Straw, maar daar werkte het beter. Hier lijkt het alsof Athlete af en toe concessies heeft gedaan om de plaat nóg toegankelijker te maken, terwijl dat nergens voor nodig is. Op zich staan er weer genoeg leuke popliedjes op de plaat, maar de productie erachter is meestal te veilig. Goed geslaagd zijn opener Superhuman Touch, titeltrack Black Swan Song en het epische The Getaway(ik zegt: hitpotentie). Hoogtepunt is wat mij betreft het oprechte Rubik’s Cube, dat wat mij betreft ook meteen de motieven van de band op tafel legt:

Oh I’m like a kid who just wont let it go
Twisting and turning the colours in rows
I’m so intent to find out what it is
This is my rubik’s cube
I know I can figure it out

Toch komt de cd als geheel niet bijzonder goed uit de verf. Het is allemaal te makkelijk, te glad, te cliché. Het is gewoon niet te accepteren dat dit het beste is wat de band te bieden heeft. Als tegen het einde van de cd de woorden I put my hands up because this is so obvious klinken, kun je niet anders dan dit onderschrijven. Het is wederom een oké cd geworden. Jammer. Helemaal omdat de bonus disk bij dit album nog een paar mooie lieve liedjes bevat die mindere nummers als Magical Mistake enThe Awkward Goodbye hadden kunnen vervangen (Wild Wolves bijvoorbeeld). Black Swan is een herhaling van zetten geworden: een paar sterke liedjes en een hoop middelmatige ballades. Dat werkt als je al een supergrote band bent, maar dat is Athlete niet. En met dit soort platen gaan ze het nooit worden ook.

drie uit vijf

Little Boots – Hands

little bootsIk zeg het heel vaak tegen mezelf: “elektropop, synthesizers: Stefan, je bent beter dan dat!” Maar het lukt niet. Stiekem dans ik voor de spiegel als Lady Gaga op TMF voorbij komt. Maar dat is nog niets vergeleken met wat er gebeurt als Little Boots’ New In Town langskomt op mijn mp3speler. Ja! Show me a good time! I don’t have any money either! Het debuut van Little Boots (die, zo bleek bij Never Mind The Buzzcocks eerder deze week) eigenlijk helemaal geen little boots heeft (maar wel op een kussen moet zitten om fatsoenlijk boven de tafel uit te komen) heet Hands en bestaat uit een hele reeks van catchy liedjes die zich zo kunnen meten met het werk van de Gagas, Space Cowboys en andere synthhits (<- vaag woord, maar vooruit) die de hitlijsten domineren. Alleen is ze net iets minder schaars gekleed en wellicht net iets Britser. En daarmee bedoel ik: net iets beschaafder en daardoor net iets minder instant appeal.

Maar goed, dat neemt niet weg dat zeker de helft van de liedjes prima blijft hangen. Remedy (overigens geproduceerd door RedOne, u weet wel, van Lady Gaga), New In Town, Earthquake, Meddle, No Brakes en Click zijn stuk voor stuk leuke liedjes met een goede beat en een fijn refrein. Wel staan er een aantal WTF! I Can’t Believe you just sung that! momenten op… Dat is inherent aan ieder goedfout popnummer, maar het duet met Human League zanger Philip Oakley getiteld Symmetry is voor mij het toppunt. Onder het motto “Ik ben de sleutel, jij het slot” mogen we luttele minuten aanhoren hoe goed de twee bij elkaar passen. Dat hebben we eerder gehoord – en beter ook. Ook het uitgeklede Hands (de verstopte titeltrack) komt minder goed uit de verf.

Al met al ligt de cd prima in het gehoor en is het een mooi Brits antwoord op de synthhype (<- nog een raar woord) van de afgelopen jaren geworden. Maar dan met een lief Engels meisje. De paar misstappen op deze zou je de “kleine” Victoria meteen willen vergeven. Omdat ze zo lief kijkt. Maar ja, als je de cd luistert ga je natuurlijk niet de hele tijd naar het hoesje kijken…

drie uit vijf

Sondre Lerche – Heartbeat Radio

sondre-heartbeat-art1Ooit was Sondre Lerche het Noorse wonderkind van de muziekindustrie. Elvis Costello was fan en zijn arrangementen waren verrassend volwassen. Toegegeven, over zijn debuut zat wel heel veel suiker gestrooid (qua violen, bijvoorbeeld), maar dat geeft de cd ook zo zijn charme. De albums daarna waren afwisselend poppy (Two Way Monologue), jazzy (Duper Sessions) en rockend (Phantom Punch). Daarna stortte Sondre zich op de soundtrack van Dan is Real Life. Met Steve Carrell was Sondres muziek het enige lichtpuntje in deze verder tenenkrommend ongeloofwaardige romantische komedie. En nu is er Heartbeat Radio.

Eigenlijk grijpt Sondre terug op zijn debuut. We horen rijk gearrangeerde liedjes. Het is echter minder zoet, het is als het ware volwassener. En dat kan goed  kloppen want Sondre is natuurlijk ook niet meer de jongen van 17. Maar na alle ‘extremen’ in sound op de afgelopen albums, is dit af en toe wel heel middle of the road. Liedjes als I Cannot Let You Go en de titeltrack zijn prima. Sterker nog de composities zijn praktisch allemaal sterk. Bovendien horen we een breed scala aan instrumenten voorbij komen. De saxofoon op Easy To Persuade is nog wel het meest geslaagd. Slechts af en toe zoekt Lerche de intimiteit op, onder andere op I Guess It’s Gonna Rain Today.

Maar op de een of andere manier probeert Sondre Lerche met Heartbeat Radio een breder publiek aan te spreken zonder muzikale concessies te doen. Het resultaat is een veilig, maar vooral net album. Er is helemaal niets op aan te merken. Maar dus ook niet dat het legendarisch is.

drieënhalf uit vijf