Chloe and the Lonesome Cowboy – Right at the Sun EP

Zoals ik bij het studentenblad waar ik wel eens voor schreef de reputatie had van slechte muziek te houden, zo heb ik bij het computerblad waar ik nu redacteur ben de reputatie dat ik van laffe singer/songwriter muziek houd, gezongen op bijna valse toon met niet bepaald toegankelijke stemmen.

Chloe and the Lonesome Cowboy voldoen aan dat plaatje. Doordat over het algemeen schaars wordt omgesprongen met instrumentatie, staan de vokalen van Chloe centraal. Die stem heeft iets schurends en tegelijkertijd iets intiems. De randjes lijken bewust te worden opgezocht. De eerste keer dat ik de Right At The Sun EP hoorde, schrok ik er bijna van, maar het kan niet voorkomen dat een nummer als Veils onder je huid kruipt en bij de derde, vierde keer luisteren al bijna als oude bekende kan worden beschouwd. Toegegeven, op sommige momenten dreigen je nekharen overeind te gaan staan, als Chloe de controle lijkt te verliezen, maar ze vliegt nooit uit de bocht. De eerste luistertest was geen prettige, al weet je meteen één ding zeker. Chloe heeft een stem waarvan je vrijwel zeker weet dat die live nog veel beter tot zijn recht komt.

Dat komt door de instrumentatie. Het is niet zo dat Lonesome Cowboy Bram de meest magische riffs speelt, maar je luistert er wel oprecht naar. Alle onderdelen van de opname krijgen de ruimte. Niet alleen de stem of de gitaar, maar de hele opname is ruim opgezet. De kale productie is daar mede schuldig aan, zo is ook op The Ark te horen: er zit veel ruimte in de opname, waardoor het luisteren naar de EP in eerste instantie een opgave zal zijn. Als ze een speld hadden willen laten vallen, dan had je hem gehoord. Ondanks het singer/songwriter-achtige genre is dit geen achtergrondmuziek die je tijdens een gezellig diner opzet. Het is ook geen luistermuziek in de traditionele zin, zoals bijvoorbeeld Ray LaMontagne die maakt. Soms kost het luisteren moeite, maar het is de moeite waard: bijna ieder nummer werkt naar een zekere climax of bevrijdende maat toe, waardoor alle stukken op de plek vallen. Daar is in eerste instantie wat geduld voor nodig.

In die zin is de Right at the Sun een beetje een raar. Hier hebben we een cd met acht nummers die je niet tijdens een etentje op kan zetten, maar waar ook niet echt op gedanst kan worden. Om die reden zal de cd wellicht niet iedereen evenveel aanspreken. Maar we hebben hier dan ook met alternatieve muziek te maken, muziek die de randjes opzoekt, muziek zonder concessies. Ze mikken niet op de mainstream, maar op liefhebbers van Leonard Cohen, Elbow en andere doorleefde acts. Er is zorg gedragen voor alle aspecten van de Right at the Sun EP. Hopelijk is de EP het begin van iets moois en krijgen we nog veel verhalen van dit Brusselse duo te horen.

drieënhalf uit vijf

Ik mis je, ik ben zwanger

Het mooie van al langere tijd bloggen is dat je na enkele jaren kunt verwijzen naar gebeurtenissen die je hebt gedocumenteerd. Dat kan ik bij dit postje ook. In 2008 was ik enkele dagen in Zweden, op bezoek bij Mischa. Daar kocht ik onder andere de cd I Miss You, I’m Pregnant van de Fins/Zweedse rockband Laakso. Een heerlijke plaat met een heerlijke titel, die op enkele uitzondering na ook nog best wel buiten mijn voorkeursgenre van akoestische poprock valt. Ik zou liegen als ik zou zeggen dat ik de plaat NIET had gekozen op basis van de titel. Alleen stond er op deze in 2003 verschenen plaat, vijf jaar later aangeschaft voor 69 kronen) geen titelnummer. Er was ook geen liedje waarin de tekst I miss you, I’m pregnant voorkwam – hoewel de tekst sprekend genoeg is om dat wel te doen. Er spreekt namelijk genoeg uit de titel van het album en de titel van dit bericht (wellicht de reden dat je het nu leest). Jammer, maar het zou voor altijd een mysterie blijven.

Later downloadde ik nog het zowaar nog briljantere Laakso album Mother, am I good looking? uit 2007. In dit geval kwam de titel van de plaat wel terug in een nummer, zelfs de albumopener. Wederom een sterke albumtitel, hoewel minder sterk dan die van het debuut. Toen ik gisteravond deze plaat aan het luisteren was, realiseerde ik me weer de kracht van Spotify. In plaats van de mij bekende Laakso albums te luisteren, kon ik natuurlijk ook op Spotify de andere platen luisteren. Bijvoorbeeld het Zweedstalige Mämmilärock, met daarop het vrijwel geheel Zweedstalige Rotterdam here I come. Maar ik besloot om het tweede album van Laakso te luisteren. My Gods.

Op die plaat begon na enkele andere aardige nummers een bijna lieflijk liedjesliedje getiteld True Love. Bijna skipte ik door. Totdat ik de tekst hoorde:

On a night after a fight
we got together again
with peace and love in your apartment

Weeks later I got this mail where you said
“I miss you, I’m pregnant
I miss you, I’m pregnant again”

Eindelijk. Het nummer dat de briljante titel niet alleen een aardig verzonnen zinsnede maakt, maar ook een bron geeft. Bovendien is het refrein een van de minst romantische True Love refreinen die ik ooit heb gehoord:

Was nice, even though you kept your trousers on
Nice, even though I hadn’t washed for days
Nice, even though you kept your trousers on
Nice, even though I hadn’t washed for days
True love, this must be true love

Fijn, dat eeuwige mysteries opgelost kunnen worden. Al duurt het soms bijna drie jaar.

[spotify:track:1UsHpWPtpmwtdTsAEVFsTn]

Voor de mensen zonder Spotify: hier is een onofficiële video:

De hype voorbij

De terugval van de afgelopen dagen niet meetellend, is er toch best wel wat veranderd in het afgelopen jaar.  Toegegeven, ik woon nog steeds op mijn studentenkamertje in mijn studentenstad, maar verder zit ik tegenwoordig fulltime op kantoor, heb ik eindelijk een hele hippe telefoon (iPhone), heb ik eindelijk een hoop filmklassiekers gezien (sommige zelfs meerdere malen) en ben ik – weliswaar – in vlagen – weer redelijk goed aan het lezen. Maar vooral veel aan het werk: lekker schrijven, weliswaar veel over dezelfde onderwerpen, maar door specialisatie is de mensheid gekomen waar we nu met zijn allen zijn. Hoewel er genoeg verwerpelijks aan deze wereld is, zijn er toch ook een hoop mooie dingen aan de hand in deze wereld.

Ik verbaas mij nog wel eens over de relativiteit van alles. Als weer een seizoen van een leuke tv-serie als Mad Men of Spooks is afgelopen, denk ik al gauw: “Nee, nu moet ik bijna een heel jaar wachten op het volgende seizoen – wat doe ik nu in hemelsnaam met mijn leven.” Terwijl ik een week later er prima mee blijk te kunnen leven. Zoals ik me nu ook totaal niet druk maak over de schade die al die olie in de Golf van Mexico heeft aangericht, of over wat maanden opgesloten zitten in een ondergrondse, Chileense mijn met je geestelijke gezondheid doet.  De hype is voorbij, we maken ons nu gewoon met zijn allen druk over de NS en een paar vlokjes sneeuw. En ik rust twee weken uit, waarin ik weer keihard verval in een student met veel Studie Ontwijkend Gedrag. Behalve dat ik geen studie meer heb om te ontwijken.

Op ditisstefan.nl is de hype ook een beetje voorbij. Niet dat ik wil stoppen met bloggen, maar van een persoonlijk dagboek – dit stukje uitgezonderd – is allang geen sprake meer. Eerlijk gezegd heb ik wat minder te delen op persoonlijk vlak. Het is niet allemaal even interessant meer, zeker niet als ik iedere dag ga vertellen dat ik “vandaag heb gewerkt” en verder niks… Nee, mijn site heeft tegenwoordig nog het meest weg van een halfslachtig populair cultureel platform. Om zoiets goed op te zetten, heb ik meer tijd of mankracht nodig.

Ik zou het best willen hoor, maar niet in mijn eentje. Gewoon een website opzetten waarin niet op hypes wordt gelet, maar gewoon actualiteit, achtergronden, muziek, films, literatuur, series op een uitdagende manier wordt behandeld. Niet alleen op hype of culturele relevantie afgaande, maar op kwaliteit. Uitleggen waarom iets indruk maakt of interessant zou moeten zijn, is één van de moeilijkste dingen die ik ken. Op die manier krijgt niet alleen die cultuuruiting, of maatschappelijk verschijnsel duiding, maar ook de hype waar deze al dan niet bijhoort. Ik ken zeer weinig websites die cultuur en de maatschappij op zo’n manier benaderen en ik zou het met alle liefde doen. Waar ruimte is voor korte besprekingen als langere essays. Het liefst bij 0 beginnen en zo opbouwen. De Hype Voorbij, dus.

Mijn liefde voor de ouderwetse allround tijdschriften met een beetje van alles, gericht op een bepaalde doelgroep, is volledig uit de tijd. Online heeft het echter een kans. Een site die niet links of rechts is, maar actualiteit, cultuur en achtergronden combineert en plaatst. Dát wil ik doen in 2011. Samen met gelijkgestemde bloggers. Als een collectief. Wie schrijft er mee?

Mag ik je gegevens?

Dit artikel verscheen eerder in CHIP 09-2010, te bestellen via www.chip.nl. Volg CHIP op Twitter.

Op The Pirate Bay kun je tegenwoordig niet alleen films, muziek en software van soms dubieuze kwaliteit downloaden, maar ook 2,8 GB aan gebruikersgegevens van Facebook. Het zijn de gegevens van Facebook-leden die in de privacy-opties van Facebook niet hebben ingesteld dat hun gegevens  inzichtbaar voor zoekmachines moeten blijven. De gedownloade databestanden bevatten profielgegevens, waaronder voor- en achternamen. Via de URL’s in de lijsten kunnen de bijbehorende profielpagina’s van de leden worden geopend. Vervolgens kunnen ook de profielen van vrienden worden bekeken. Dit terwijl een deel van die vrienden juist heeft aangegeven dat zij niet publiekelijk geïndexeerd willen worden. Facebook meent dat er niet veel aan de hand is: de ‘gelekte’ data is ook met een zoekmachine te vinden. Er komt dus geen informatie aan het licht die voorheen verborgen was. Toch voelt het niet goed dat er iemand van een goedaardig beveiligingsbedrijf in is geslaagd om de database van Facebook met zo’n honderd miljoen accounts in één keer te downloaden. Als er straks iemand écht gevoelige data wil hebben, wie zegt mij dat die daar dan niet wat extra moeite voor doet – en erin slaagt?

Facebook is geen uitzondering in het opslaan van onze persoonlijke gegevens. Google, Apple, Microsoft, Yahoo: het lijkt alsof alle internetbedrijven bezig zijn met het inzamelen van gebruikersgegevens. Zo kan Apple elke verkochte iPhone via de ingebouwde GPS-module traceren. Weliswaar anonimiseert het bedrijf deze gegevens alvorens deze te gebruiken voor zijn iAds, maar wat als een ander bedrijf straks besluit dat niet meer te doen? Gelokaliseerde en gepersonaliseerde advertenties zijn misschien handig, maar het blijft opdringerige reclame.

Moeten we dit soort praktijken normaal vinden en accepteren? Wij vertrouwen websites en bedrijven onze gegevens toe en in ruil daarvoor krijgen we ‘relevante’ reclame én moeten we maar hopen dat onze persoonlijke gegevens niet worden gestolen en misbruikt. Dat is niet de beste deal die ik ooit met een bedrijf heb gesloten. Probleem is ook dat het steeds normaler wordt om overal je gegevens achter te laten. Op veel sites en forums kun je pas reageren als je een account hebt. Sommige websites mag je zelfs pas bekijken als je bent ingelogd. Dat is dan weer een extra instantie die je gegevens heeft, terwijl ze die feitelijk niet nodig hebben. Op sommige websites is inloggen heel handig – zo vind ik het heel fijn dat ik de enige ben die bij mijn bankrekening kan als ik ga internetbankieren, maar op andere websites vind ik het echt niet nodig om mijn (echte) gegevens in te vullen.

Vul dus de volgende keer als je je ergens registreert alleen de verplichte velden in. Als je wordt verplicht om een adres in te vullen, maar niet inziet waarom dat nodig is, vul dan een nepadres in. Gebruik daarnaast niet je eigen e-mailadres, maar gebruik een speciaal aangemaakt spamadres om te voorkomen dat je tot in lengte der dagen nieuwsbrieven ontvangt. Bedrijven willen je gegevens graag hebben, maar dat betekent niet dat jij die klakkeloos hoeft af te geven. Persoonlijke gegevens mogen dan veel waard zijn voor bedrijven – voor jou zijn ze nog veel meer waard.

Pete Lawrie – Fell Into The River

Na enkele stemmige nummers, waaronder In The End en A Little Brighter maken we nu voor het eerst met de feelgood kant van Pete Lawrie, een singer/songwriter die destined for greatness is, als het aan de Britse media ligt.  Fell Into The River is vergeleken met de bijna therapeutische eerste singles een op het eerste gezicht dertien in een dozijn popnummer met vrouwenkoor en feelgood clip, opgenomen in een café.  Er zijn kritische kanttekeningen te plaatsen bij het werk van Lawrie, bijvoorbeeld over clichégebruik en zijn tegeltjeswijsheden (zoals hier: Happiness don’t have a schedule, your time will come around). Desondanks, als er een dergelijk popliedje nodig is, om twaalf mooie liedjes aan de man te brengen, dan ben ik bereid hem te vergeven. Maar ik weet nog niet of dit mijn favoriete nummer van Pete Lawrie gaat worden… Pete zelf geeft overigens openlijk toe bij tijd en wijle bewust op de mainstream te mikken, net als zijn muzikale helden – waar bijvoorbeeld Paul Simon toe behoort. Oordeel vooral zelf of dit een stapje te ver is, of precies goed… En laat het weten in de reacties.

Wat doe jij met je browser?

Browsers gebruik je in principe om op het web te surfen, maar hoeveel andere software gebruik je nu nog in je dagelijks computergebruik? Google speelt hierop in door een besturingssysteem te ontwikkelen (Chrome OS), dat als slogan “Nothing but the web” heeft: alles doe je op internet, je slaat bijna niets meer lokaal op.

De nieuwste versie van Google Chrome geeft alvast een voorzetje wat dat betreft. Extensies en uitbreidingen behoren al sinds Firefox tot het gemeengoed op internet, maar met Chrome Web Store kun je niet alleen uitbreidingen aan je browser toevoegen, maar zelfs hele toepassingen. Dat varieert van een handige applicatie als Tweetdeck (om mee te tweeten) tot het verrassend verslavende “The Fancy Pants Adventure” spelletje. Tegelijk kun je bijvoorbeeld ook het nieuws van New York Times op een aantrekkelijke manier lezen. De apps zijn een soort webpagina’s, maar ze voelen aan als losstaande software. Google heeft goed in de gaten dat als je dan toch alles op internet doet, je de rest van het systeem zo goed als weg kan laten. Met de nieuwste versie van Chrome kunnen we daar vast aan wennen. Ik weet nog niet of ik eraan toe ben om al mijn bestanden op internet te zetten, maar als mijn browser een hoop applicaties overbodig kan maken, dan wordt de rest van mijn computer daar alleen maar sneller van… Of gebruik jij liever je browser om gewoon mee te surfen?