[Bodešče] 7: De top bereikt

Naar mate de tijd vordert en dit verslag niet afkomt, wordt de hoeveelheid fictie – of in ieder geval nog sterker gekleurde non-fictie – steeds groter. Het is dan ook op zijn zachtst gezegd dubieus dat ik nota bene november en – laten we eerlijk zijn – waarschijnlijk ook december nog loop te vertellen over een vakantie die in augustus plaatsvond. Weliswaar grotendeels de tweede helft van augustus, maar, toch: augustus. Ik heb wel wat notities liggen, maar dat zijn trefwoorden. Bovendien houden die notities na de 16de (de aflevering van vandaag) op. Steeds meer details veranderen in gevoelens. Het lijkt me dan ook voor alle partijen beter om het nu snel af te ronden. Ik ga het in ieder geval proberen.

Dinsdag 16 augustus 2011

Blessures ten spijt is het vandaag zo ver. De reden waarom Mischa en Knoert meegingen op deze vakantie was het vele wandelen. En weliswaar hebben we al flink wat gewandeld, we hebben nog niet de uitdagende verkenningen door de natuur gedaan waar de heren op hadden gehoopt. Vandaag hebben we echter een aardig compromis: we gaan vandaag de bergen in en omhoog lopen. Klimmen is een te groot woord, maar we gaan wel een behoorlijke stijging inzetten.

De berg in kwestie is de Sleme, ruim twee kilometer hoog en dus voor Nederlandse begrippen HEEL ERG hoog. Je kunt natuurlijk nog veel hoger klimmen, maar deze wandeling zou voor iedereen te belopen moeten zijn en toch mooie uitzichten moeten opleveren. Voordat we zover zijn, klimmen we eerst honderden meters met de auto. Dat gaat met behulp van haarspeldbochten omhoog. In totaal nemen we vandaag meer dan vijftig bochten op heen- en terugweg. Maar dat stuk hoeven we dus alvast niet meer te lopen. Op het hoogste punt van de weg parkeren we de auto en vervolgen we de weg omhoog. Die ziet er zo uit:

De weg omhoog is niet echt gevaarlijk, al worden mensen met hoogtevrees (‘Hoi!’) af en toe wel een klein beetje op de proef gesteld, zo zonder reling of houvast. Dodelijke ongelukken blijven uit en langzaam stijgen we naar de top en een mooi uitzicht.

Ik moet toegeven, het uitzicht is prachtig en er zitten hier weinig insecten. De top heeft wel één nadeel. Die wordt namelijk – blijkens de uitwerpselen – regelmatig als geitentoilet gebruikt. Hoe fris de berglucht dan ook mag ruiken, de geitenstront ruikt nog net iets meer. We besluiten dan ook niet op de top the lunchen, maar een tiental meters lager, waar een grote weide is vol vlinders (en een gastenboek). De ware bioloog van ons groepje wordt dan ook wakker:

Na de lunch zetten we de afdaling in en als we bij de auto zijn wordt er overlegd of we ergens anders nog zullen gaan wandelen. Daar is niet iedereen even groot voorstander van, dus wordt de afdaling ingezet. De andere kant van de berg, want die hebben we nog niet bereden.

Na een hoop haarspeldbochten rijden we langs een beekje met zo’n wit water dat we er besluiten te stoppen. Het water stroomt hier behoorlijk goed door en het is niet alleen kalkwit, maar ook kalkkoud. Koud dat het pijn doet aan je blote voeten als je erin gaat koud… Dat is inderdaad koud dus. Maar het is ook heel erg verfrissend en dus zitten we hier nog een uurtje in de zon. Het is een moment waarop ik me de fijne kanten van deze vakantie ervaar. We zijn met zijn vijven in een mooi land, met mooi weer en we hebben het naar onze zin. Een Hoogtepuntje (H’tje) dus.

Maar na een H’tje volgt een Dieptepuntje (D’tje): de reis terug voert namelijk via Italië. Dat is namelijk de consequentie van via de andere kant van de berg terugrijden. En dat is aanzienlijk om, ja. En misschien is dat wel heel leuk om te rijden, maar niet noodzakelijkerwijs ook om achterin te zitten terwijl je langzaam honger begint te krijgen. Ik weet nog dat we met de gedachte speelden om fast food te nuttigen, maar ik weet ook vrij zeker dat we dat niet hebben gedaan. Ik weet alleen niet meer zeker wat we die avond wel hebben gegeten, maar het was vast lekker en we hadden ook vast honger na zo’n inspannende maar fijne dag. Dat is alles wat ik er over kwijt kan, volgens mij.

Wordt vervolgd op korte termijn, hopelijk.

Susanne Sundfør betovert

De afgelopen paar dagen (donderdag, vrijdag) woon ik weer even bij mijn ouders. Niet dat ik helemaal niet in Nijmegen kom, maar alleen voor de leuke dingen des levens. Toen ik donderdagmiddag door het dorp fietste waar ik toch zo’n veertien jaar fulltime heb gewoond, realiseerde ik me dat het leven hier zo slecht niet nog is. En dat ik zo, tussen twee banen in, bijna niks hoef. En dat dat eigenlijk voor het eerst in twee jaar zo is.

Ik kan niet wachten tot ik kan beginnen bij mijn nieuwe baan, maar bijna twee weken even niks, dat is ook wel eens fijn. Dat geeft me een beetje de tijd om te reflecteren op wat ik tot nu toe heb gedaan en wat ik wil doen. Ik ben nu 25, immers, eerste baan achter de rug en op het punt om met de tweede te beginnen. Toegegeven, ik ben geen wereldburger die in London rustig aan zijn vijfde roman pent, maar ik zit wel op een carrièrepad wat me wel bevalt. Ik heb leuke vrienden en een leuk leven, al vergeet ik dat af en toe. Kortom, ik zal niet worden opgenomen in een boek met bijzondere levens, maar klagen mag ik zeker niet.

Blijkt dat Susanne Sundfør gewoon ook 25 is. Op het podium van Roepaen stond ze vrijdagavond in haar eentje sterk te zijn. Tussen de nummers door praat ze zacht, enigszins verlegen zelfs. Af en toe raakt ze op dreef en maakt ze een grapje. Over een nieuw nummer dat nog geen titel heeft (eerst bijna ironisch “yea, so that’s exciting!” om er schalks aan toe te voegen: “maybe I won’t even give it a title”).

Zodra ze echter begint te zingen is ironie ver te zoeken en is er alleen maar schoonheid: ze betovert. Dat is het enige woord dat ik er voor heb. Ze is vijfentwintig, maar ze is van alle tijden en ongelooflijk indrukwekkend. Die stem. Live nog veel mooier dan op plaat. Als ze staat te spelen straalt ze kracht uit, om die daarna weer even te laten gaan tot het volgende nummer begint.

Uiteindelijk gaat het natuurlijk om de muziek. Susanne speelt vooral werk van haar album The Brothel, waarin naast met prachtige melodie ook met duistere effecten wordt gespeeld. In het voorprogramma van Thomas Dybdahl in april had ze een complete band bij zich, nu vertrouwt ze op haar eigen vakkundigheid en mooie lichteffecten. Dat blijkt bijna net zo goed te werken – misschien is het zelfs beter voor de kleine nightclub in Roepaen. Sundfør zet een mysterieuze sfeer neer, al zijn er ook lichtere momenten gedurende de set. Dat is dan met name wanneer Sundfør ouder werk speelt. Die nummers klinken jonger, aardser zelfs. Susanne worstelt af en toe met de piano van Roepaen (“it has got a will of its own”), maar dat voegt alleen maar extra spanning toe aan het optreden.

De nummers van haar volgende plaat (getiteld The Silicon Veil) klinken – in de uitgeklede setting althans – als een logisch gevolg op The Brothel. Ook speelt Susanne een cover van Radioheads laatste album. Susanne scheurt net zo heerlijk tegen het valse aan als Yorke dat in het origineel van Codex doet. Ik vind persoonlijk dat Susannes stem veel mooier is dan Thom Yorkes vocaal, maar daarmee stoot ik vast wat mensen tegen het hoofd. De avond wordt afgesloten – terecht – met de wonderschone titelsong van haar actuele album. Met dit nummer wordt wat mij betreft aan alle verwachtingen voldaan.

Na een korte pauze keert Susanne nog een keer terug voor een plichtmatige encore. Er zijn maar veertig, vijftig mensen maximaal vanavond, maar een nummer wil ze nog graag spelen. Daarna verkoopt ze haar cd / lp bij de uitgang van de nightclub. Als ik mijn lp afreken en vertel dat we haar in april hebben gezien ben ik een beetje starstruck. 25 is ze, net als ik, maar zoveel meer getalenteerd. En ondergewaardeerd buiten de eigen landsgrenzen (net als… laat maar). Maar daar komt hopelijk gauw verandering in. Het is niet de makkelijkste muziek, maar wel oh zo mooi. Ik ben fan.

De Schotse kant van het leven

Het kan snel gaan. Het ene moment zit je gewoon te werken op je oude werkplek, het andere moment heb je je ontslagbrief overhandigd en kun je feitelijk gaan aftellen naar de dag dat je bij je nieuwe werk begint. Twee weken vakantie (bijna dan) om af te kicken, op te laden en wat lopende zaken af te ronden. Maar eerst ging ik naar Schotland.

Toen mijn favoriete band, Turin Brakes, aankondigde het eerste album integraal live te gaan spelen, was mijn eerste gedachte: daar moet ik bij zijn. Toen bovendien bleek dat ze Schotland aandeden dacht ik: tijd om Pim te bezoeken. Pim promoveert daar op scheikundige zaken en sinds onze roadtrip vorig jaar was ik er niet meer geweest. Tijd om langs te gaan dus. Zo combineerde ik het aangename met het nog aangenamere. En als een vrij man (de dag ervoor had ik mijn laatste werkdag) kon ik er ten volle van genieten – waarbij ik de verkoudheid en vermoeidheid even vergeet.

Dat betekende wel dat de wekker op zaterdagmorgen belachelijk vroeg ging. De vluchten vanaf Weeze gingen overigens nog veel vroeger, dus vond ik 10 uur vanaf Schiphol een schappelijke tijd. Maar dan moet je wel om kwart voor 7 in de trein zitten om niet totaal overgeleverd aan de NS je vliegtuig te missen. Dan is zo’n kop koffie op het vliegveld toch meer dan welkom.

In het vliegtuig zat ik naast een andere Turin Brakes-fan. Dat was geen toeval, maar afgesproken werk. Wat wél toeval was, was dat we in Edinburgh dezelfde Bed & Breakfast hadden geboekt. Na anderhalf uur bijkletsen over de dingens des levens – het was toch alweer ruim een jaar geleden sinds twee heuglijke, gezellige avonden in Canterbury én Eindhoven. Je houdt elkaar wel op Facebook in de gaten, maar dat is toch anders.

Maar goed, daarna was het heuglijk weerzien met Pim. Met snor. Want hij doet mee aan Movember.

De rest van de dag wandelen we door Glasgow, bezoeken we The People’s Palace en Glasgow Green, drinken we koffie bij de Costa (want die hebben een coffee club), kijken we een complete rugbywedstrijd (jawel, dat was nieuw voor mij), eten we Russisch bij Pims huisgenootje en val ik bijna om omdat ik al veel te lang wakker ben.

De volgende dag gaan we met Mounira, die andere Nederlandse fan, de andere kant van Glasgow verkennen (West End) als ik een sms’je krijg dat mijn interview met de band het beste die middag om half 4 kan plaats vinden. Zo staan we om half 4 voor de ABC in Glasgow, alwaar we na even wachten worden begroet door drummer Rob. Hij heeft echter slecht nieuws: de band ligt dik achter op schema en de soundcheck moet nog beginnen. Zo begint er een wachtperiode waarin we af en toe praten met een bandlid dat naar ons toekomt, af en toe meehelpen bij de merchandise (wel tellen, niet vouwen want vouwen kan ik niet goed). Uiteraard net op het moment dat we via Twitter hebben afgesproken met andere fans om te gaan eten (social media forever!) is het tijd voor een interview. Zo mis ik het ongetwijfeld gezellige (maar niet bijster smaakvolle – zo hoor ik later) avondeten, maar voer ik wel een goed gesprek met de band over de beginjaren en de tour. Binnenkort te lezen op Ether Site dus.

Daarna ontmoet ook ik de andere fans en zo staat er ineens een groep van acht, negen fans en gezellige mensen. Misschien zijn we groupies, misschien zijn we gewoon enthousiast maar we hebben het in ieder geval leuk. Uiteindelijk wordt onze groep nog uitgebreid met een Nederlands meisje die toevallig een weekend in Glasgow is en de band ook leuk vindt. Het is spontaan en gezellig en ik ontdek in Schot Steven eindelijk een andere man die ook goed de tweede stem kan zingen.

Het concert is prachtig. De Glaswegian crowd heeft er zin in, is luidruchtig maar zingt ook vol overtuiging de nummers van het eerste album mee. Ik heb al snel een grijns op mijn gezicht. De heren zijn weer in topvorm en nadat het eerste album mooi gevoelig is afgesloten met The Optimist komen de heren al gauw terug voor een extra set van drie kwartier met zowel een nieuw nummer als andere hoogtepunten uit het oeuvre.

In totaal spelen de heren één uur en drie kwartier, waaronder een mooie cover van Chim Chim Cher-ee (nu te koop op iTunes – opbrengst gaat naar daklozen) en het epische Ether Song waarmee wordt afgesloten. We hebben weinig reden tot klagen, zullen we maar zeggen.

Backstage heb ik nog wel snel een flink stuk stokbrood met organic pindakaas gegeten, maar mijn maag begint te knorren. Gelukkig is daar A.C. Hij is met Natalie uit Edinburgh meegekomen en heeft ‘voor het geval dat’ een burrito meegenomen. Dat klinkt raarder dan het is, A.C. is namelijk de uitbater van het Mexicaanse Illegal Jacks-restaurant in de Schotse hoofdstad. Met échte groente en voedzame burrito’s. Niks geen grote keten, gewoon een gezellig, hip en modern restaurant. We sluiten de deal dat als ik de burrito lekker vind, dat we daar de volgende dag komen lunchen. En hij is lekker mensen.

De afterparty vindt in eerste instantie plaats in een toko die al tegen middernacht de deuren sluit, maar al gauw komen we terecht in een pub met een late license. De band is er ook en dat maakt het nog gezelliger. De groep mensen (met vrienden van vrienden van vrienden) bestaat inmiddels uit een man of 15-16 (al doe ik geen moeite meer om iedereen bij naam te leren kennen). Het is in ieder geval gezellig en met de mensen van wie ik de naam wel weet heb ik in ieder geval een topavond. En de volgende avond hebben we als het goed is nog zo’n topavond!

De ochtend verloopt in mijn geval redelijk soepel. Na het ontbijt (met hagelslag, Pim blijft toch Nederlander) vertrekt mijn gastheer naar zijn werk en nemen we afscheid. Mounira en ik ontmoeten Natalie en A.C. in het centrum (en komen zelfs nog even die andere Nederlandse fan tegen!). Vervolgens pakken we trein naar Edinburgh.  Edinburgh is een stad met een stuk meer (zichtbare) historie. En als je dan het geluk hebt dat de lucht er blauw is en de temperatuur niet te laag, dan kun je daar dus een mooie tijd hebben.

De middag werd echter niet bepaald episch. Verschillende onderdelen van ons nu even viertallige team hadden een inkakmomentje en ik chill dus in mijn extra grote kamer (ik ben “geüpgrade” vanwege verbouwing) de middag weg en luister naar de live cd die ik bij het optreden gisteravond heb gekocht. Ik doe boodschappen, maak wat foto’s en de lunch verandert in diner. Om zes uur zitten we bij Illegal Jacks. Totaal uit de richting van Queen’s Hall, Edinburgh, maar voor goed eten moet je af en toe omlopen.

Redelijk uitgerust schuiven we aan bij Illegal Jacks. Het interieur is strak en modern, wellicht het tegenovergestelde van wat je bij een Mexicaans restaurant zou verwachten:

Er liggen briefjes op tafel met onze namen, je kunt hier ook via social media reserveren maar wij hebben connecties dus hoefden dat zelfs niet te doen en als wij al uitgebreid aan het schranzen zijn, verschijnt ook de band zelf voor een burrito on the house. Genieten dus, al laat ik de margherita maar even aan me voorbij gaan.

Na anderhalf uur nemen we een taxi naar Queen’s Hall, waar we merchandise-dame en mede-fan Claire weer tegengekomen. Ik probeer zelf ook even merchandise te slijten maar moet mijn meerdere erkennen in Steven – die na het optreden een poging waagt. Twee EPs à 5 pond per stuk weet ik te verkopen, terwijl Steven t-shirt na t-shirt verkoopt.

Queen’s Hall is een raar venue, met zowel een uitgebreid zitgedeelte als een centrale lege vloer om te staan. Ik voel me enigszins beroerd (de vermoeidheid slaat weer toe), maar zodra het optreden is begonnen gaat het langzaam beter en na Underdog (Save Me) ben ik weer redelijk boven Jan. Bij Future Boy en The Road kan ik weer koortje spelen met Steven. Opvallend is dat waar in Glasgow het hele publiek na verloop van tijd Turin Turin Turin Fuckin’ Brakes zong, we hier geen navolging krijgen. Het publiek is meer ingetogen en komt eigenlijk pas los op het moment dat de heren weggaan en weer terugkomen voor de encore. Net als de band trouwens, die de nummers van het debuut ingetogen speelt en daarna pas echt los gaan. Afgesloten wordt met Chim Chim Cher-ee:

Daarna drinken we er nog eentje bij de venue. De rest van ons gezelschap gaat nog een kroeg in op 20 minuten lopen, maar ik besluit er een punt achter te zetten en eens wat slaap in te halen (zo voelt het in ieder geval). Ik neem (enigszins gehaast, want er staat een taxi) afscheid van mijn gezelschap en ga heerlijk slapen. In Glasgow liepen we al grappen te maken over het feit dat Lady Blossom een bordeel zou zijn waar Lady Blossom de madam van dienst is en ik…. tsja…. Maar nu blijkt dat Lady Blossom’s Guesthouse ook daadwerkelijk red light district is:

De volgende dag ontmoet ik Mounira om 10 uur voor de B&B. We moeten allebei voor 10:00 uur uitchecken dus staan we hier met bagage, bepakt en bezakt, klaar om te gaan. Eerlijk gezegd ben ik er ook wel aan toe om naar huis te gaan. Alleen gaat onze vlucht pas om half 7. We doen daarom eerst wat boodschappen, drinken koffie en bezoeken Edinburgh Castle. Het is een prachtige dag in Edinburgh. De zon schijnt volop en het is weliswaar iets kouder dan eerdere dagen, het is genieten. Alleen jammer dat we vandaag de hele dag met die bagage moeten sjouwen. Wel ontmoeten we Emma en Steven voor een gezellige lunch in het centrum van Edinburgh. Zij hebben ook de laatste dag van hun korte vakantie (het voelt niet als een weekend maar als een echte vakantie).

Als we betalen en willen vertrekken kijken Steven en Emma elkaar aan: we kunnen nu terugrijden naar Glasgow en daar treuren dat de dag voorbij is… Maar we kunnen er ook nog iets moois van maken. Dus wordt onze bagage achterin de Honda gegooid en rijden we naar de kust. Burntisland is de bestemming, alwaar we een ontspannen, leuke dag beleven met zijn vieren. We hoeven niks (ja, vanavond een keer vliegen) en kunnen genieten van het mooie weer en de prachtige omgeving. Het is een wonderschoon einde en een veel mooiere dag dan waar ik op had gerekend. Dat zijn misschien nog wel de mooiste momenten van zulke reisjes… Dat je met mensen die je net hebt leren kennen een ontspannen, gezellige, leuke dag beleefd waaraan alles klopt. Vandaag is dus mooi.

De reis naar huis verloopt voorspoedig, al zit het vliegtuig wel bommetje vol. Rond half twaalf ben ik thuis en kijk ik met een voldaan gevoel terug op een leuke reis.

Kijk, mensen leuteren wel vaker dat internet en social media niet noodzakelijk een positieve invloed hebben om iemands sociaal leven. En dat snap ik best. Je bent helemaal niet zo betrokken bij een Facebook-statusupdate of tweet als bij een gebeurtenis in het echte leven. Maar zonder social media had ik de mensen die ik deze dagen heb ontmoet helemaal niet gekend en was ik er misschien straal langs gelopen. Terwijl nu de basis voor een nieuwe vriendschap is gelegd. Kortom: ik had een erg, erg leuke vakantie in Schotland. Mocht dat nog niet duidelijk zijn.

Vervloekt! Gij snode autoverbeterfunctie!

 

Lees ik in de Taalpost van deze week dat de website van de week deze week een Nederlandstalige versie van Damn you, autocorrect! is. Leuk natuurlijk, al vraag ik me afof het Nederlandse taalgebied er net zo enthousiast mee aan de slag gaat als het Engelse. Wel geinig dat je dan halverwege de voorpagina eigen werk tegenkomt. Met naamsvermelding (en het feit dat ik het nieuws op mijn beurt ook weer had gejat, dat is dan wel weer jammer natuurlijk – nu kom ik minder over als autoriteit)!

Voor autocorruptie, kunt hier terecht.

Schoorsteenvegers

Van een vrolijk liedje uit een Disney-film naar een donker, depressief nummer met video vol armoede. Opgenomen met ‘echte mensen’ in Amarillo, Texas.

De muziek komt van mijn favoriete band, natuurlijk. Vooral leuk hoe het nummer halverwege weer van stemming verandert, terwijl ze er best voor hadden kunnen kiezen om het daar te laten eindigen.

Voor hoeveel euro ga jij in de Nederlandse Energie Maatschappij-reclame?

Dit bericht op Zoggel leidde tot een discussie op de redactie van het blad waar ik deze en volgende week nog werk. Weliswaar verkoopt Derksen zijn ziel, maar hij zal er ook flink wat geld voor krijgen (en komt daar open voor uit). De grote vraag “voor hoeveel geld zou jij daar gaan zitten?” werd dan ook al gauw gesteld. Dat inspireerde mij tot het lanceren van een nieuwe poll (de laatste is toch alweer ruim een jaar geleden). Ik ben benieuwd naar jullie antwoorden!

Voor hoeveel euro ben jij te boeken voor een irritante NEM-reclame?

View Results

Loading ... Loading ...