Jens Lekman maakt zich er makkelijk van af

In het verleden ben ik vaak lovend geweest over Jens Lekman, zowel over zijn muziek op plaat als zijn concerten. Vorig jaar schreef ik: “Jens Lekman is live, net als de vorige twee keer dat ik hem zag, erg goed.” En dat was dan ook zo. Met een nieuwe EP op zak, tourt Jens door Amerika en Europa. Het Europese deel van die tour begint in de kleine zaal van de Vereeniging te Nijmegen en dat is – wellicht – een wat ongelukkige keuze, blijkt achteraf.

De Vereeniging heeft namelijk een best mooie zaal, maar de kleine zaal is… tsja… De keren dat ik er met het Nijmeegs Boekenfeest ben geweest heb ik me al over de aankleding van de zaal verbaasd. Het ziet er allemaal wat kitscherig uit. En als die zaal dan niet helemaal is uitverkocht, tsja, dan hangt er ook geen bijzonder fijne sfeer.

Ook jammer van de Nijmeegse start is dat Jens Lekman last heeft van jet lag. Hij oogt vermoeid en geeft later ook zelf toe dat de Atlantische oversteek hem parten speelt. Dat is allemaal leuk en aardig Jens, maar vier jaar geleden heb je een ongelooflijk mooi concert gespeeld in Doornroosje en de mensen die er toen waren, hebben nu weer hoge verwachtingen. De show must go on, wellicht?

Voordat Jens echter zelf aan de slag gaat, krijgen we een voorprogramma verzorgd door Lia Ices en een gitarist. Het is ongetwijfeld mooie, melancholische, repetitieve muziek, maar de zaal bereikt het niet. Het geluid is rommelig en het publiek is nog aan het binnendruppelen – zin in een feestje op vrijdagavond. Hoe mooi Lica Ices dan ook mag spelen, mij doet het vrij weinig. Jammer.

Daarna is het nog bijna drie kwartier wachten op het hoofdprogramma – de verwachtingen zijn nog hoger nu… Dan beginnen we eindelijk! Na Nederland te hebben aangedaan met een all-female-band, band met dj en band met sampler, is Jens vanavond in karige bezetting naar Nederland gekomen. Alleen een drummer met overgewicht in een hoekje van het podium en Jens zelf. De drummer kan gelukkig ook zingen en tijdens het eerste, rustige nummer van de set doet hij dat niet onverdienstelijk.

Daarnaast volgt een mix van oud en nieuw werk (I Saw Her In The Anti-War Demonstration, A Sweet Summer’s night on Hammer Hill worden afgewisseld met werk van de EP). De drummer in kwestie geeft het optreden de nodige punch, maar gaat wat mij betreft de mist in bij The End Of The World is Bigger Than Love - waarbij zijn backing vocals in het refrein enige impact missen en in het couplet ook nog eens bijna vals zijn.

Toch mogen we niet klagen: Jens is zelf in topvorm en zingt – ondanks zijn jetlag – de sterren van de hemel. Hij blijkt zelfs goed te hebben nagedacht over de opbouw van de set. Hij vertrouwt steeds meer op zijn sample-machine die strijkers, blazers en zelfs compleet andere nummers door de speakers blaast. Jammer betekent dit dat het optreden steeds meer verdrinkt in diezelfde samples. Het punt waarbij live en samples in evenwicht zijn? De combinatie Golden Key / The Opposite of Hallelujah, waarbij voor mij de status van Jens als zijnde briljant weer wordt bevestigd. Daarna is meteen het matigste moment van het optreden, want Jens geeft er na een dik half uur de brui aan.

In de eerste encore worden we onder andere getrakteerd op een totaal overbodige cover van 10CC. Daarbij wordt nog meer duidelijk dat Jens zijn samples enorm waardeert en er enorme lol bij heeft om te dansen op het podium. Maar in zijn eentje komt het zo zielig over – de drummer met overgewicht zit immers achter zijn drumstel mee te tikken. Het werkt gewoon niet.

Gelukkig komt Jens terug voor een tweede keer – het concert is dan net 50 minuten bezig. Hij sluit af met het wonderschone And I Remember Every Kiss, dat solo veel EN veel mooier is dan op de cd met orkestrale begeleiding. Daarbij wordt duidelijk dat Jens’ muziek eigenlijk maar op twee manieren echt werkt: compleet over de top met 10-koppige band en gekkigheid, of intiem in zijn eentje.

Na afloop komt Jens naar de merchandise voor handtekeningen en een praatje met fans. Een paar Vlaamse fans, waarschijnlijk speciaal overgekomen voor het optreden, wijst hem erop dat hij geen Black Cab heeft gespeeld en dat ze dat heel jammer vinden. Jens biedt meteen zijn excuses aan en zegt dat hij het wel had willen spelen, maar de setlist verkeerd had gelezen. Hij haalt meteen zijn gitaar en speelt Black Cab voor het publiek dat er nog is en trakteert ook nog op het mooie Shirin. Daarmee herstelt Jens iets van de schade.

Misschien dacht Jens Lekman voorafgaand aan de tour: ik heb nog geen nieuw album, maar wel een EP en die wil ik ook promoten. Als ik nu eens een korte tour doe, met één of twee shows in ieder land… Gewoon niet te lange shows, maar wel met de essentie van Lekman.

Nou… Dat werkt dus niet. Ik vrees dat veel mensen naar huis zijn gegaan met het gevoel dat Lekman zich er wat makkelijk vanaf heeft gemaakt. Voor fans, zeker de casual luisteraar, bestaat het concept “tussendoor-show” niet. Jens heeft zich er dan ook wat makkelijk vanaf gemaakt. Het was mooi, maar veel te kort. Het was leuk, maar niet leuk genoeg om de lengte van de show te rechtvaardigen. Nijmegen had meer verwacht en hopelijk komt Lekman volgend jaar – met een nieuw album en volledige band – terug om de schade te beperken. Want dan gaan we uiteraard gewoon weer.

Een gouden sleutel

Omdat ik het nog wat vroeg vind om in een 100% nihilist te veranderen (hoewel het erg aanlokkelijk klinkt, bij tijd en wijle), heb ik mezelf een aantal doelen gesteld dit jaar. Goede voornemens zo u wilt. Ik zeg wel vaker dat ik iets ga doen (liedjes fatsoenlijk opnemen, nieuwe woonruimte zoeken, miljonair worden, een boek schrijven, een band beginnen en een rijbewijs halen), maar gauw worden die projecten na een tijdje in de steek gelaten. Niet omdat ik er geen zin in heb, maar omdat ik zoveel tegelijk aan het doen ben dat ik ze niet allemaal mijn aandacht kan geven of omdat er een nog belangrijker project is.

In 2011 gaat dit veranderen. Ik heb mezelf dus een aantal goede voornemens ehm… voorgenomen en ik ben vastberaden om ze dit jaar ook daadwerkelijk uit te voeren. Maar zoals ik al zei: ik ken mezelf en in principe gaat er dus niks gebeuren tenzij ik er iets tastbaars tegenover stel…

Toen ik afgelopen zomer bij een concert van Jens Lekman was, kocht ik na afloop een gouden sleutel (geen echt goud natuurlijk). Jens draagt er zelf ook één en hij opent de concerten met een nummer over zijn sleutel. Jens doet het denken aan een vorige relatie, maar dat doet er niet toe.  Na afloop kocht ik er ook één, die ik vervolgens bij Sjoerd in Leiden liet liggen. Op Oudjaarsavond kreeg ik hem terug. Nu ben ik niet echt iemand die sieraden draagt, laat staan sieraden met een diepe reden erachter en het valt dan ook enorm op dat ik sinds 1 januari een gouden  sleutel draag. Nu mensen mij vragen waarom ik die sleutel draag, jat ik meestal een van Lekmans excuses (bijvoorbeeld dat ik de burgemeester van een kleine gouden stad ben, en ik draag de sleutel van de stadspoort). Wanneer ik dit zeg – jawel, ik heb dit wel eens gezegd – roept een stemmetje in mijn hoofd dat ik full of shit ben. De waarheid vertellen waarom ik die sleutel draag is echter geen optie – dan vind ik mezelf namelijk een beetje een drama queen: “Ik draag een gouden sleutel omdat ik mijn goede voornemens van dit jaar moet en zal uitvoeren.” Ik ben geen impulsief persoon die denkt en doet met grote gebaren.

Kortom, het dragen van die sleutel is een soort zelfkastijding. Ik moet er aan wennen, of ik moet zo snel mogelijk ervoor zorgen dat ik hem weer af mag doen. Dat mag ik pas als ik mijn doelen van dit jaar heb bereikt. Misschien ben ik tegen die tijd aan de sleutel rond mijn nek gewend – ik ben al minder zelfbewust van het feit dat ik er een om heb -, maar dat is niet het punt. Het punt is dat ik door het uitvoeren van mijn goede voornemens daadwerkelijk wat stappen zet, waarvan ik sommige al lang geleden had moeten zetten. Als ik daar bovendien iets impulsiever van word, dan is dat geen negatieve bijwerking, denk ik.

De eerste stap van dit jaar is het halen van een rijbewijs. Morgen, maandag 17 januari 2011, is mijn eerste officiële rijles. Ik heb er echt heel veel zin in, ik heb er nu echt geld voor en ik heb tijd. Kortom, dit is het moment, nu gaat het gebeuren. Ik ben ook erg benieuwd of ik het een beetje ga kunnen. Maar daar leest u de komende tijd vast regelmatig over.

Muziek in 2011

In 2011 gaat er weer veel goede muziek uitkomen. Turin Brakes heeft beloofd dat ze een nieuw album maken, maar eerlijk gezegd verwacht ik dat album niet voor 2012. Gelukkig komt er dit jaar in ieder geval goede muziek van:

  • Jens Lekman
  • The Whitest Boy Alive
  • The Medics
  • Pete Lawrie
  • Tom McRae
  • Sondre Lerche
  • The Decemberists
  • Fleet Foxes

Van lang nog niet alle albums van deze artiesten is een releasedatum of zelfs slechts een titel bekend, maar 2011 kan niet anders dan een goed jaar voor de popmuziek worden. Zeker als genoeg artiesten het internet wederom creatief gaan gebruiken om hun muziek aan de man te brengen.

Het album waar ik op dit moment het meest naar uitkijk is het nieuwe album van een band die niet hierboven genoemd wordt. In maart verschijnt namelijk het nieuwe album van Elbow. Getiteld Build a rocket boys! moet het album een eerbetoon aan de melancholie en de tienerjaren worden. Albumopener Lippy Kids, als voorproefje live in de studio gespeeld voor alle fans en te bekijken op www.buildarocketboys.com, laat meteen de achterliggende gedachte van de albumtitel horen:

Lippy kids on the corner again
(…)
Do they know those days are golden?
Build a rocket boys!
Build a rocket boys!

De brutale kinderen op de hoek van de straat zijn geen vorm van overlast voor Elbow, maar een bron van inspiratie. Over tien, twintig jaar denken ze terug aan de avonturen die ze toen beleefden. Dus bouw een raket, jongens! Deze tijd beleef je maar één keer…

Op een mooi muzikaal 2011!

Jens Lekman danst terwijl er tafeltjes staan

Het lijkt me op veel manieren fout om een recensie te beginnen met de woorden “hier moest ik nog een recensie over schrijven.” Fout omdat het tegenzin uitstraalt en fout omdat er een verplichting aan verbonden lijkt te zitten. Dat alles staat los van het feit dat het niet mooi is om een recensie zo te beginnen. Zelfs niet op een niet al te prestigieus medium als ditisstefan.nl. Maar goed, het was er nog niet van gekomen om een recensie te schrijven over het optreden van Jens Lekman op 5 augustus 2010 in de Paradiso te Amsterdam. Nu komt het er wel van.

Vooraan in de zaal staan tafeltjes en stoelen. Ik weet nog niet dat ik het meest dansbare optreden van Jens Lekman tot nu toe ga meemaken. Maar er staan dus stoeltjes en tafeltjes. Dus danst niet de hele zaal, maar alleen Jens Lekman en de mensen achter de tafeltjes. Dat zijn gelukkig nog best veel mensen.

In het voorprogramma staat The Blow. Dat was vroeger een duo, maar vanavond staat Khaela Maricich er in haar eentje en het heeft er alle schijn van dat Khaela gedumpt is door haar collega. En dan bedoel ik niet alleen op zakelijk gebied. Zeker weten doe ik dat niet. The Blow is namelijk best wel vaag. Tussen de nummers vertelt ze absurde danwel simpelweg vage verhalen waarbij het nooit duidelijk is of het een fantasierijk hersenspinsel is of gewoon de waarheid. De nummers zijn af en toe catchy, maar soms gewoon bizar. Khaela is ook geen echt podiumbeest. Ze danst, maar ze is geen Michael Jackson. Ze zingt, maar ze is geen nachtegaal. Het is niet mijn soort voorprogramma, maar het is in ieder geval niet saai. Waarschijnlijk gaat Maricich voor het effect “hypnotiserend”. Maar dat lukt bij mij niet.

Jens Lekman is live, net als de vorige twee keer dat ik hem zag, erg goed. Sjoerd is met me mee vanavond, net als de eerste keer in Rotterdam (al waren er toen ook andere mensen mee en nu zijn we er met zijn tweeën). In Nijmegen (de tweede keer) had Jens Lekman al een dj bij zich en die heeft vanavond alleen maar meer vrijheid gekregen. In veel nummers mixt de dj beats en samples. Soms is dat geslaagd, maar soms overstemt het de blaasinstrumenten en viool die feitelijk veel mooier zijn dan al die gekke beats.

De Zweedse singer/songwriter speelt veel materiaal van zijn nieuwe album, waarvan we niet weten hoe het gaat heten, noch wanneer het uitkomt. Maar hij speelt er vanavond dus veel materiaal van. Hij opent met Golden Key (er zijn na afloop ook gouden sleutels te koop, die van mij ligt bij Sjoerd op me te wachten) en speelt daarna onder andere The End Of The World Is Bigger Than Love, wat nog een van de meer traditionele nieuwe Lekman-nummers is. Het nieuwe werk is namelijk verrassend dansbaar en vrolijk – al zijn de teksten nog steeds bitterzoet, melancholisch en ronduit geeky als altijd. Er is genoeg ruimte voor muzikale grapjes en gekkigheden. Argument With Myself doet me denken aan Paul Simons You Can Call Me Al.

Helaas moet ik als de encore begint weg om de laatste trein naar Nijmegen te halen (via Den Bosch, dank u NS voor het afsluiten van Arnhem). Daarmee is het een van de eerste optredens waar ik voortijdig de zaal heb verlaten. Eerlijk gezegd maakte dit optreden me vooral benieuwd naar het nieuwe album van Jens Lekman. Volgens mij is het al een heel eind af (hij speelde immers al zes nieuwe nummers live en gaf één nummer gratis weg via zijn site), maar ik begin te vrezen dat we het misschien pas begin 2011 gaan horen. Lekman heeft het nog steeds, al hoop ik dat de dj de volgende keer niet probeert de andere instrumenten te overstemmen. Dat is nergens voor nodig. Die band is namelijk goed genoeg om gehoord te mogen worden.

Stefan luistert: Jens Lekman – The End Of The World Is Bigger Than Love

Eerlijk is eerlijk, ik zat er een beetje op te wachten. Waarop? Nieuw werk van Jens Lekman natuurlijk. Volgende maand, wat zeg ik, aanstaande donderdag (5 augustus) zie ik de beste man een hopelijk weer briljant concert geven in Paradiso, Amsterdam (met een all girl band). Van een nieuw album is echter nog geen sprake. Gelukkig meldt Secretly Canadian (zijn platenlabel) nu dat de Zweed druk bezig is met de opvolger van het geniale Night Falls Over Kortedala uit 2007. Bovendien is er een gratis nummer te downloaden, getiteld The End Of The World Is Bigger Than Love.

Stiekem leren we vrij weinig van de nieuwe plaat. Na een intro die zo uit de jaren 70 of 80 kan zijn weggelopen, horen we een instrumentatie die erg lijkt op die van het vorige Lekman album: violen, elektrische piano, galm en een melodie doordrenkt van melancholie.  Het zit vast weer vol met samples, maar die haal ik er nog niet uit.

Jens beschrijft het verhaal van een stukgelopen liefde in Washington D.C., ten tijde van de verkiezingen in 2008. Daarbij schuwt hij het dramatische gebaar niet en zingt zonder moeite teksten als:

It’s bigger than the spider floating in your cider
It’s bigger than the stock market, than the loose change in your pocket
(…)
No a broken heart is not the end of the world
Because the end of the world is bigger than love

In eerste instantie lijkt het of Jens hier van zijn geloof afvalt, maar al gauw wordt duidelijk dat we hier gewoon nog steeds met dezelfde romanticus te maken hebben als vroeger. Ik kan verder nog geen nieuw album pluggen, maar wel de download dus. Oh, en er zijn nog kaarten voor het concert van aanstaande donderdag in Paradiso dus.

The Whitest Boy Alive: Feest voor nerds

Normaal is het de fan die tegen de artiest zegt: “So great to finally meet you!” Maar bij mij was het donderdagavond voor de derde keer andersom. Sta mij daarom toe te beginnen met een stukje persoonlijke geschiedenis…

Het was halverwege 2002 toen ik, na jaren vrijwel uitsluitend het werk van Phil Collins als goede muziek te hebben beschouwd, ik door Mischa werd geattendeerd op gave muziek die aansloot bij het instrument dat ik speelde (toen en nu): akoestische gitaar. Het duurde een paar maanden, maar begin 2003 was ik volledig geobsedeerd door deze nieuwe bands. Ik heb het over de Kings of Convenience, I Am Kloot en Turin Brakes. De Turin Brakes site had een zogenaamd forum, dus daar werd ik lid van. En geobsedeerd dat ik was, steeg ik al gauw naar de top posters. Halverwege 2003 bracht Erlend Øye een soloplaat uit: ‘Unrest’. En hierbij hoorde een officiële site. Met forum. En ook daar bracht ik een belangrijk deel van de avond door voor, tijdens en na het huiswerken. Enfin, het forum van Erlend Øye werd ook bezocht door Erlend zelf. In het begin althans. En dat was wel aardig. Ik denk dat er op het drukste moment een stuk of 30 écht actieve leden waren van dat forum. Een klein groepje dus. En dat was heel gezellig.

Toen in 2004 Kings of Convenience een nieuw album uitbrachten, werd ook daar een forum geopend. En ook daar was het heel gezellig. Deels met mensen die ik al kende van het Erlend forum, deels met geobsedeerde knappe Italiaanse meisjes van een jaar of 18 die ‘Misread’ naar nummer 2 van de singles chart hielpen. Enfin, dat was dus ook heel gezellig. En als je al iets langer meedraait, dan kun je autoriteitje spelen. Maar aan alle leuke dingen komt een eind.

In 2005 kwam ‘JackInABox’ uit, van Turin Brakes, maar dat was niet het enige wat verscheen. Er verscheen namelijk ook iets waarmee spamcomputers eenvoudig SPAM kunnen posten op PHPBB forums. Toen was de eis voor moderators er ineens. Het Turin Brakes forum had die al, maar het KoC en het EO forum (zoals ik ze vanaf nu zal aanduiden) had nog geen mensen die die berichtjes verwijderden. En het liep op een gegeven moment uit de hand. Aangezien ik toch nog bijna iedere dag op die forums kwam, werd ik moderator gemaakt. Al gauw bleek dat niet afdoende. Moderators kunnen namelijk geen accounts ‘bannen.’ Dus na wat e-mails richting EMI, was ik ineens de baas op de twee forums. En toen werd ik ook nog eens – zonder overleg – moderator gemaakt bij het Turin Brakes forum. Over Turin Brakes had ik al een fansite gebouwd, dus aan mijn toewijding zou het niet liggen, maar toch…

En toen kwam Turin Brakes in september 2005 naar Nederland. Ik had ze nog niet live gezien, maar wel al 2 en een half jaar een fansite en was een van de bazen op het forum. Toen de zanger na het concert naar buiten kwam, was het “So great to finally meet you” dan ook wederzijds, blijkens de woorden die hij sprak (en het opdragen van ‘Painkiller (Summer Rain)’ . Het ging zelfs zo ver met mijn obsessie voor goede muziek, dat toen ik in februari 2006 naar Jens Lekman in Rotterdam ging, ik me realiseerde dat dit een van de weinige concerten was waarbij ik geen claim to fame had. Verfrissend. En omdat ik geen hoge verwachtingen koesterde, is die avond wat mij betreft extra legendarisch. :-)

In ieder geval, fast forward naar 2008. Ondanks dat ik Erlends forum al jaren had bijgehouden, had ik hem nog niet live gezien (met uitzondering van de Kings of Convenience in 2004, maar toen moesten we na afloop meteen weg). Enfin, toen ik donderdagavond dus binnen stond te wachten op Aukje en Renée, en aan de praat was geraakt met twee fans naast mij, die mij net hadden gevraagd of ik wist of Erlend nog steeds zo’n oversized bril droeg, zag Erlend mij blijkbaar ineens staan. Hij wees naar me vanaf de andere kant van de zaal en kwam toen op me af gelopen. De gezichten van mijn gesprekspartners waren op zijn zachtst gezegd priceless. In ieder geval klonk het wederom “So great to finally meet you.” En ik moet zeggen dat ik het ook wel kon waarderen om de man te ontmoeten voor wie ik toch behoorlijk wat tijd had opgeofferd. En dat hij best aardig bleek, op het eerste gezicht. Hij liet zijn koffiekopje staan (zie de foto 2 posts terug), maar ik dacht dat ie niet genoeg op zou brengen op Ebay. Dus liet ik hem maar staan…

Maar het punt dat ik wil maken hier en nu, is dat alles wat ik hiervoor heb verteld, NIET de reden is waarom ik die forums spamvrij maak. De praatjes voor en na concerten had ik ook kunnen maken zonder de baas van dat forum te zijn. Zowel Turin Brakes als Kings of Convenience als I Am Kloot als Jens Lekman als The Whitest Boy Alive als Elbow: al die artiesten komen in principe na hun optreden naar buiten om met fans te praten, handtekeningen te zetten of gewoon te dansen op de muziek van de DJ. Daarvoor hoef je niet Stefan te heten of een heel oud T-shirt van de band aan te trekken (al is het wel meteen een gespreksonderwerp voor de artiesten in kwestie). Ik luister naar muziek en als ik het goed vind, dan wil daar bij wijze van spreken AL mijn tijd aan opofferen. En ik wil andere mensen laten weten dat ik die muziek heel vet vind. En dat doe ik op dat forum. En dan wil ik kijken wat andere mensen vinden. En daarop reageren. Dan komt dat forum wel vol ja. Maar ik heb ook geleerd dat die mensen in bandjes vooral ook mensen zijn. Dus niet perfect. Ik luister dus liever naar de muziek. En ja, even een kort praatje maken is leuk, maar mijn avond is helemaal oké als ze gewoon een fantastisch concert geven. En dat zit meestal wel snor. Want ik heb een goede muzieksmaak.

The Whitest Boy Alive in Doornroosje was fantastisch. De CD is niet bepaald constant dansbaar, maar dit concert was dat wel. Niet alleen eigen werk van Dreams kwam voorbij, ook twee bijzonder foute covers (‘The Music Sounds Better With You’ en ‘Show Me Love’) en een hele rits nieuw werk (en een herinterpretatie van 24k van Morgan Geist). Mensen met wie ik wel eens ga stappen kunnen beamen dat ik heel veel teksten ken. Zo is er een liedje genaamd ‘Fall’ dat Erlend nooit heeft uitgebracht, maar dat wel op een aantal live bootlegs staat. Het liedje komt nu denk ik op het nieuwe album, want ze speelden het gisteravond. Ik zong mee, pas na drie regels realiseerde ik me dat ik waarschijnlijk de enige was en Erlend bleek me ineens geamuseerd aan te staren. Ik viel nogal op met mijn witte Whitest Boy Alive T-shirt en we voelden ons af en toe wel een beetje bekeken (ondanks dat we al enkele rijen naar achter waren gegaan, voor een betere geluidservaring). Maar ik besloot me daar maar niets van aan te trekken en tegen het einde van het concert waren er gelukkig een aantal überenthousiaste meisjes op de voorste rij die Erlends aandacht opeisten.

Hilarische taferelen speelden zich af op het podium. Erlend kan heel aanstekelijk dansen, Daniel kan een briljante keyboardsolo spelen (waarbij hij het apparaat als een gitaar vastpakt en met heel veel geluidseffectjes tussendoor en het veranderingen van instellingen op het ding een briljante partij speelt), Marcin is een briljante ‘coole’ bassist en drummer Sebastian is heel heel heel heel erg de timide nerd die zich af en toe heel erg laat gaan. Eigenlijk zijn het allevier nerds. En ze schamen zich geen moment (en zo hoort het!). De foute covers en briljante eigen composities zoals ‘Above You’, ‘Inflation’ en ‘Golden Cage’ werden als zoete koek geslikt. Mijn persoonlijk hoogtepunt was ‘Don’t Give Up’ (de tekst ervan zou oorspronkelijk op Röyksopps ’49 Percent’ gebruikt worden, maar dat vond het Noorse duo teveel eer aan Erlend), erg mooi met de antwoordende vocalen van Marcin. Die stiekem best mooi kan zingen. Als hij niet te hoog hoeft te gaan met zijn stem dan! Qua sfeer pastte ‘Show Me Love’ helemaal goed in de setlist en iedereen zong enthousiast mee.

The Whitest Boy Alive speelt op het eerste gezicht heel simpele liedjes, maar daar schuilt de kracht van de band. Ondanks het feit dat Erlend nog herstellende is van een gebroken arm, was de show nagenoeg perfect. De 5 Ã 6 nieuwe nummers die we kregen beloven bovendien voortzetting van deze sound op CD. Meer keyboards dus, meer foute teksten en meer enthousiaste, dansbare nummers. Het is te hopen dat ze ruimte open laten voor enige diepgang.

Het leek erop dat het publiek nog veel meer had gewild, maar na één encore en een hele lange drumsolo eh toch een nieuw liedje begon de DJ muziek te draaien en ging de zaalverlichting aan. Voor die drumsolo stelde de band zichzelf nog voor, waarbij Daniel ‘on the keyboards’ ook daadwerkelijk op de keyboards ging staan en Marcin (“on the bass guitar!”) op de basgitaar (Erlend: “You can’t do that, that’s my bass guitar”).

Na afloop kwamen de verschillende bandleden naar buiten, met uitzondering van Erlend Øye. Toen ik ze maar even ging bedanken voor een geweldig optreden, werd ik door zowel Daniel als Marcin apart gevraagd naar mijn T-shirt. Voor de duidelijkheid: dat kreeg je gratis bij het album ‘Dreams’ als je het in Zweden kocht. Daar kwam het het eerst uit, dus kocht ik het daar. Volgens Marcin waren er maar 20-50 van gemaakt. Dus nu heb ik maar een nieuwe gekocht en veil ik deze op Ebay (hij brengt vast meer op dan het koffiekopje) – of ik draag hem toch maar gewoon zelf. Na een half uur, we stonden op het punt om weg te gaan, kwam Erlend dan de zaal in. Ik ging hem maar even bedanken en liet hem – net als Marcin – mijn 7″ single van Burning signeren. Het gevolg is dat ik nu een Noors epistel op de achterkant van mijn single heb staan. Toen ging ik mijn jas scoren, want ik moest de dag erna (gisteren, vrijdag) naar Den Haag voor mijn scriptieonderzoek (en dat betekent vroeg op staan).

Toen ik mijn jas had gehaald en met Renée en een vriendin van haar naar buiten liep om mijn fiets te scoren, was Erlend ook buiten. Ik zei dus nog een keer ‘Bye’ en was al bij mijn fiets toen hij me terugriep om mij te vragen wat ik nu eigenlijk deed (qua leven) en wat ik wilde gaan doen (na mijn studie, en dat weet ik zelf nog niet eens). Hij identificeerde mijn vrienden ook nog als “Oh! Those are the girls you were with during the concert. I saw you down there”, waarop ook zij een woordje met Erlend wisselden (en zeiknat regenden, net als ik). Het voordeel dat je dan wel hebt, is dat je meteen ook even kunt vragen naar nieuwe albums (het nieuwe Whitest Boy Alive album komt waarschijnlijk eerst en vlak daarna Kings of Convenience (ze hebben al een aantal liedjes klaar), maar beide op vrij korte termijn – als in ‘wie weet dit jaar nog’). En dat ze heel graag willen komen touren in Nederland met Kings of Convenience, drie optredens bijvoorbeeld (maar dat had ik ook gezegd als ik Erlend was). Maar goed, toen namen we echt afscheid want anders had Erlend een verkoudheid en ik ook. En dat hoeft nu ook weer niet, of wel?

Enfin, het viel me een beetje tegen van Erlend dat hij me niet vast een exemplaar van het nieuwe album gaf, maar ja, daar doe je niks aan hè… ;-) Het optreden was fantastisch en het publiek en de band zorgden voor een fantastische sfeer. Met een beetje geluk gaat deze band heel groot worden. Het lijkt alsof het tijd is voor een band vol dansende nerds met een voorliefde voor foute dancetracks… En vergeet niet dat u ze hier het eerste tegenkwam.

Enkele foto’s en een filmpje volgen na het weekend.

Jens Lekman + Kim Ki O @ Doornroosje

Op 25 februari 2008 stond Jens Lekman te spelen in Doornroosje in Nijmegen, de stad waar hij voor het eerst buiten Zweden optrad. Er waren niet veel mensen bij dat optreden, maar nu in 2008 is Doornroosje zo goed als uitverkocht. En terecht.

Kim Ki O

Kim Ki O

Een Turks alternatief meisjesduo dat muziek uit het straatje van Joy Division en deprielectronica maakt. Je ziet het niet iedere dag en ik denk niet dat ze bijzonder goed in de smaak vielen bij het publiek. Maar waarschijnlijk was het vooral even wennen. Ikzelf wist in eerste instantie niet zo goed wat ik ermee aan moest, maar tegen het einde van het optreden was ik bijna helemaal om. En vrouwelijke bassist rocks (waarover later meer). Feit is dat de band nog aan haar podiumact mag werken, dat de vocals aan eerste instantie aan de zachte kant waren, maar dat ze als mensen vast heel aardig zijn. En de muziek is ook niet heel verkeerd.

Jens Lekman

Jens Lekman @ Doornroosje

De vraag ‘was het concert van Jens Lekman geweldig?’ is natuurlijk lang niet zo boeiend als de vraag ‘droeg Jens Lekman You Are The Light nu op aan de zaal of aan Renée en mij’ (die gepositioneerd stonden op de plek waar hij overduidelijk naar wees.

Argumenten voor:

  1. Hij wees naar ons, wij stonden precies op de plek waar hij naar wees, en we konden zijn hand aanraken. Daarnaast waren we in ieder geval vrij enthousiast mee aan het doen, ik in ieder geval.
  2. Hij herkende ons na afloop bij de merchandisingstand. Ik had een 2006 t-shirt aan, het t-shirt dat ik in 2006 bij zijn concert in Rotterdam had gekocht. Toen heb ik hem niet ontmoet, maar hij had me in ieder geval gezien voordat we bij de merchandisestand kwamen, gezien het feit dat hij mij enthousiast aansprak als Hey! You’re the 2006 Guy!

Argumenten tegen:

  1. In principe hield voor het wijzen wel een speech min of meer tegen de hele zaal en niet tegen ons. En in het verleden, als een band een liedje aan mij opdroeg zeiden ze altijd eerst iets tegen me (Turin Brakes in 2005).

Maar goed, ik vond het ook zo stom om het te vragen, dus nu heb ik maar een gesigneerde versie van de 7″ single van Friday Night At The Drive-In Bingo. En die is vet.

Het concert was erg goed. Jens was in vorm, al miste ik toch de blaassectie (vooral omdat die heel erg leuk was in 2006). Op de DJ na had Jens Lekman overigens nog steeds een geheel vrouwelijke band (bassist, cellist, violist, drummer). Gaandeweg het concert ontwikkelden we een obsessie voor het bassistmeisje. Ze leek de hele avond nogal verlegen en dat maakte haar behoorlijk schattig, getuige deze onscherpe foto:

Terese

Ze keek alleen de zaal in wanneer iedereen werd afgeleid door een muzikaal hoogstandje van een ander bandlid. Maar dan keken wij juist naar haar. Overigens blijkt ze offstage minder verlegen, getuige de smalltalk op Jens Lekmans site. Overigens wil ik u deze foto van dezelfde officiële site niet onthouden… Terese in al haar glorie (zoals altijd, klik om te vergroten):

Terese (2)

Enfin, laat ik ook wat muzikaals zeggen: Jens kan nog steeds heel erg goed zingen en verhalen vertellen. De setlist was (ongeveer) als volgt:

I Am Leaving You Because I Don’t Love You
The Opposite of Hallelujah
It Was A Strange Time In My Life / Put You Arms Around Me
Sipping On The Sweet Nectar
New Directions
Black Cab
You Are The Light (al dan niet aan ons opgedragen).
A Postcard To Nina
Maple Leaves
Friday Night At The Drive In Bingo
Shirin

Encore 1:
A Sweet Summers Night On Hammer Hill

Encore 2:
A Little Lost (Arthur Russel cover)
The Cold Swedish Winter
Pocketful Of Money (ruim 7 minuten met gratis publieksparticipatie)

Hoogtepunten waren voor mij de gehele tweede encore, omdat het erg intiem was en toch vol overtuiging. Jens leek echt ontroerd door de hele avond. Erg mooi was dat. En omdat The Cold Swedish Winter een van mijn favoriete Jens Lekman nummers is, maakte dat de hele avond nog mooier. Oh, en natuurlijk The Opposite Of Hallelujah en A Postcard To Nina.

Velen die ik na afloop sprak vonden dit het beste concert in tijden. Ik vind het moeilijk zoiets te zeggen, gezien het feit dat ik net twee geweldige concerten van Turin Brakes heb meegemaakt, maar ik kan ieder geval zeggen dat I Am Kloot eind deze maand (en alle andere concerten die ik dit jaar nog ga zien) heel erg zijn best moet gaan doen om in de top 3 van 2008 te komen…