Zondag 11 juli

Deze zondag vertrekken we na het ontbijt naar Kalmar. We nemen ons tevens voor daar te pinnen om Ronnie te betalen. Het is al lunchtijd als we arriveren in de kuststad. Daar komen we tot de conclusie dat het door Mischa gesmeerde brood in Trällebo is achtergebleven. Jammer, maar het is wat ver om terug te rijden. We lopen door het centrum van het pittoreske stadje. We komen onder andere op een plein met allerlei café’s en een expliciet standbeeld waarin één held een badguy op brute wijze neersteekt. We dopen dit plein “Het Plein van de Ownage” en zien hierin een geschikte plek om te zien hoe Nederland Spanje verslaat. Onze wandeltocht eindigt in de burcht, waar we van de in traditionele klederdracht geklede Johanna een rondleiding krijgen. In het Engels, of dat is in ieder geval de bedoeling. Ze geeft zelf al aan dat ze misschien kan vervallen in Swenglish en het duurt dan ook niet lang voordat we de eerste dubieuze zin horen. Mischa probeert nog indruk te maken door naar aanleiding van haar verhaal te vragen hoe het zat met de rol van het kasteel in de tijd van Gustav de zoveelste, die druk bezig was met centraliseren, maar die vraag bleek de jonge blonde niet te kunnen beantwoorden. De tour maakte een wat ingestudeerde indruk, al liep niet alles goed. Wanneer ze een deur zonder klink (want de koningin hoefde toch nooit zelf de deur open te maken) dicht doet en vervolgens zegt “I have to open the door myself, because I’m not the queen… *hint*” moet ze uiteindelijk inderdaad zelf de deur open maken omdat de lakei die dit dan toch voor haar zou moeten doen te laat aan komt lopen. De grap op de wc van de koning, waar een vrouwelijke lakei zogenaamd haar behoefte aan het doen is, gaat wel goed.

Na de rondleiding lopen we nog zelf even rond door de burcht, om vervolgens via de gevangenis terug te lopen naar de stad om daar bij de lokale Subway een broodje naar binnen te werken. Het is inmiddels tegen half 4 en we besluiten definitief om hier de finale van het WK te bekijken. Nederland – Spanje. Overigens blijkt het Subway-meisje Spanje aan te moedigen. Ze is niet de enige.

Voordat het WK-feest los moet gaan barsten gaan we nog naar Ötland, een eiland voor de oostkust van Zweden. Het eiland, met een doorsnee van nauwelijks tien kilometer maar van Noord naar Zuid aanzienlijk groter, staat bekend om zijn karakteristieke windmolens (net als Nederland) en wordt deze zomermaanden door heel Zweden met caravans en tenten gevuld. We zoeken een strand uit en gaan de zee in. Het is wel een meter of honderd voordat het water tot onze knieën komt, maar dat mag de pret niet drukken: hier zitten in ieder geval geen muggen. Mischa en Joert gaan het binnenland nog verkennen (de kalkbodem schijnt interessant te zijn), Pimfandi blijft achter om te lezen en te kaarten.

Als Mischa en Kurt terug zijn, rijden we terug naar Kalmar op het vaste land en lopen we naar het plein. De café’s zitten al goed vol op het Plein van de Ownage, en de prijzen zijn niet van de lucht, dus zoeken we een ander restaurantje om te eten. Uiteindelijk eindigen we in het restaurant Athena, met Griekse keuken, alwaar we pizza’s eten. Geen Uncle Ben’s dus. Die bewaren voor maandag.

Net op tijd voor de wedstrijd bereiken we het Plein van de Ownage. Onder ons vijven is de stemming gematigd positief: niet iedereen is even zeker van de overwinning, maar in theorie zou het moeten kunnen. Terwijl we zien hoe Nederland kaart naar kaart incasseert, komen we tot de conclusie dat het hele terras voor Spanje is. Volgens Mischa komt dit omdat Zweden in Spanje op vakantie gaan en daarom Spanje leuker vinden. Alles goed en wel, maar het Oranje-legioen is nu wel duidelijk in de minderheid. We zijn niet de enige Nederlanders, maar het boegeroep voor Robben overstemt potentieel gejuich. We zien hoe Mathijsen tot twee keer toe kansen verprutst en hoe Van Marwijk nota bene Braafheid erin brengt. Erwan riep het al voor de wedstrijd: “waarschijnlijk gaat het er gewoon om wie geen rode kaart krijgt en die wint dan.”

Als de rode kaart uiteindelijk valt, is het inderdaad Nederland die het onderspit delft. Zweden gaat uit zijn dak en wij blazen snel de aftocht. We foeteren op scheidsrechter Webb, op de verdediger M. van het Nederlands elftal en uiten ons onbegrip over de wissel Gio -> Braafheid. Waarschijnlijk had het niets uitgemaakt, maar we waren zo dichtbij. Een buschauffeur zwaait wel nog sympathiek als we onze Volvo V70 instappen. Neigingen tot vandalisme onderdrukken we.Bovendien is het nu te laat om Ronnie te betalen. Dat moet dan maar een andere dag. K*tzweden… K*tspanje… K*twereld…

De avond krijgt toch nog een gouden randje. Wanneer we de autoweg verlaten en we even langzaam rijden om te controleren of we wel de goede weg zijn ingeslagen, steekt er op minder dan tien meter een vrouwtjeseland de weg over. Het is erg indrukwekkend, om zo’n groot beest in het wild, zo dichtbij, te zien. Als we op normale snelheid hadden gereden, waren we er misschien tegenaan gebotst, maar daar denken we maar niet te veel aan. De weg blijkt de goede te zijn en we vervolgen onze weg naar huis, extra alert op eventueel wild.

Previous ArticleNext Article
Stefan is online adviseur, redacteur en tekstschrijver. Hij studeerde Nederlandse Taal & Cultuur in Nijmegen, maar werkt inmiddels bij ZB Communicatie & Media in Ede. In zijn vrije tijd speelt hij gitaar, maakt, ontwerpt en onderhoudt hij websites.

This post has 1 Comment

1
  1. Kutspanje…

    Ik wil bij deze graag verklaren dat we volgend jaar niet op vakantie gaan naar Salou, Lloret de Mar of Blanes.

    Take that, Spanje.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

N.

Nieuw jaar, nieuwe Mac

Kun je vrienden zijn met je computer? Niet iedereen zal warme gevoelens koesteren jegens zijn digitale werkpaard, maar ik wel. Net vóór ik begon bij mijn eerste baan, kocht ik – toen ik nog net recht had op onderwijskorting – een iMac. Het was een hele grote, wel 27”, die ook meteen de tv zou zijn in mijn studentenkamer en later in mijn studio. Ik heb er de nodige films en series op gekeken, ja, maar er ook heel veel opgewerkt: teksten geschreven, websites gemaakt, software gereviewed, van alles. Jarenlang deed hij alles wat er op wilde, zelfs af en toe een spelletje. 

Een paar jaar geleden kreeg hij kuren. De grafische kaart deed het niet meer. Via YouTube-video’s kwam ik erachter dat dit euvel te verhelpen was door de kaart uit de iMac te halen en kort in de oven te bakken. Zo gezegd, zo gedaan. Dik twee jaar lang kon ik mijn iMac nog blijven gebruiken. Tot deze zomer, dan. Net voor ik een livestreamsessie voor Ether Site zou doen met een Duitse vriend, gaf de grafische kaart wederom de geest. Paniek! Snel alles op een andere geleende laptop geïnstalleerd… Sindsdien had ik, op mijn iPad na, geen echte computer meer. En dat was best jammer. Je kunt best veel op een iPad tegenwoordig, maar niet alles…

Eerlijk gezegd vertoonde de relatie met mijn iMac al een aantal jaar scheurtjes. In mijn appartement, waar ik in 2015 (volgens mij) naar toe verhuisde, had ik eigenlijk geen goede plek voor de iMac. Het apparaat stond op de slaapkamer, met het idee “dan kunnen we er soms film op kijken” – maar dat deden we eigenlijk nooit. En als ik de iMac nodig had voor ‘werk’, moest ik ‘m verhuizen naar de woonkamer. Als ik eerlijk ben, stond die gigagrote iMac nu vooral in de weg. 

En dus scheidden onze wegen eind 2020. Ja, ik deed in de herfst nog een poging om de videokaart nogmaals te redden, maar er brak een kabeltje bij het repareren en dat was de druppel: hier was geen redden meer aan. Daarom besloot ik een nieuwe te bestellen. 

Het is een Mac mini geworden. Een redelijk klein apparaat wat ik overal in huis kan neerzetten, net waar ik wil. Waar ik op kan inloggen met mijn iPad, maar die ik ook kan aansluiten op een beeldscherm of op de tv. En die ik kan verstoppen als ik ‘m niet nodig heb. Het is een hopelijk veelzijdig beestje, dat zich zal aanpassen naar gelang mijn gebruik door de jaren zal veranderen.

Afgelopen maandag kwam hij binnen. De eerste software heb ik geïnstalleerd en de eerste klusjes heb ik er zelfs al op gedaan. Ik heb er voor het eerst dit stukje op geschreven en ik heb getest of ik weer mee kan doen met een spelletje Age of Empires II, wat mijn vrienden online af en toe spelen. Het antwoord lijkt: ja!

Ik weet niet of deze Mac mini het ook tien jaar volhoudt. Het is een (iets) goedkoper apparaat dan de vorige iMac uit 2009, maar ik hoop er weer jaren mee vooruit te kunnen. We gaan het zien. 

Ondertussen staat mijn oude iMac nog in een hoek in de slaapkamer. Nadat de bestanden die ik nodig heb, zijn overgezet, gaat ‘ie waarschijnlijk op Marktplaats. De onderdelen zijn vast nog wat waard. Het voelt een beetje als een onwaardig afscheid. Straks staat ‘ie waarschijnlijk onder “available for parts” op Marktplaats. Terwijl we tien jaar samen hebben kunnen nerden, bijna elf jaar zelfs. Samen hebben we de eerste tien jaar van mijn werkende leven doorgemaakt. Maar het eind is gekomen. Hij weet er, zodra ik de harde schijf heb gewist, niet veel meer van. Maar ik zal ‘m niet gauw vergeten.