[Bodešče] 3: Slovenië voor beginners

Donderdag 11 augustus 2011

Het is vroeg wakker worden vanmorgen, al redden we de ingeplande tijd van half acht niet allemaal even optimaal. De koffie lokt me naar de keuken. Koekjes zijn er ook weer. Gisteren hadden we een semi-Italiaans ontbijt, maar vandaag gaan we full-on Italiaans, qua hoeveelheid. Dit komt vooral het tijdgebrek. We willen niemand voor de voeten lopen en proberen zo goed en zo kwaad als het gaat aan tassen in te pakken, spullen te verzamelen en zoveel mogelijk koekjes naar binnen te proppen. Op een lege maag rijden is immers ook niet alles.

We nemen afscheid van Patty, haar vriend en Stefano en rijden naar het hostel. Dit keer zijn we ruim op tijd en zijn Erwan en Knoert te laat. De omgekeerde situatie van de vorige ochtend. Weten zij ook hoe dat voelt. Twee minuten achter op schema (ik zei niet dat ze VEEL te laat waren) rijden we gevijven door Triëst. We rijden langs het mooiste plein van de stad, wat er bij daglicht dus mooier uitziet.

We gassen door richting de Sloveense grens. We blijven ons verbazen over de verkeersborddichtheid van de Italiaanse wegen. Less is more, zegt men wel eens en volgens mij kijken de Italianen niet eens op die borden. Voor ons zijn ze vooral verwarrend. We stoppen onderweg bij een tankstation om een vignet voor de Sloveense wegen te kopen. Met een roze sticker op de vooruit rijden we door.

Wanneer we de Sloveense grens passeren is de overgang groot. Het aantal borden is tot normale verhoudingen teruggebracht en mensen lijken ook normaler te zijn gaan rijden. Win-winsituatie dus. Met minder gevaar op de weg, lijkt het verstandig om een cd in de speler te doen. Mischa heeft een mix-cd gemaakt (Bleed, bled, Bled), maar we beginnen vandaag met één van de drie cd’s die ik in mijn tas heb gestopt (Fountains of Bled).

Omdat niet iedereen de depri klanken van mijn dagelijkse smaak kan waarderen, heb ik mijn cd gebaseerd op het meer toegankelijke palet van mijn muzieksmaak. Fountains of Wayne hebben recent een nieuwe cd uitgebracht en ik heb de leukere liedjes van die cd geplukt. Die heb ik aangevuld met werk van onder andere Portugal The Man, Jens Lekman, KT Tunstall, Bon Iver, Beirut en To Kill a King. Achteraf gezien moet ik concluderen dat acht liedjes Fountains of Wayne misschien wat veel was, maar over het geheel genomen ben ik niet ontevreden over de mix dit jaar. De gevatte teksten van de Fountains doen het goed en ook Jens Lekman heeft zich op zijn nieuwe nummer An Argument With Myself laten gaan (The lonely light from the town hall clock tower / Chime of the bells striking 1, 2, 3 /and it took shape in the form of an image in the form of a living memory). Gekke Jens. Het liedje is HIER gratis te luisteren.

Enfin, het duurt niet lang voordat we aankomen bij de eerste bestemming van vandaag: Piran. De overgang van het drukke Triëst naar dit kuststadje net over de Sloveense grens is groot. Hier parkeert niemand in het centrum: dat is vrijwel geheel autovrij. Nee, in plaats daarvan een zeven verdiepingen tellende parkeergarage en een bus naar het centrum. Wij zijn geen watjes en lopen naar het stadje. Dat blijkt prima te gaan via de boulevard en wat steegjes.

Piran is geen wereldstad. Er wonen krap 17.000 mensen en het stadje heeft meer weg van een filmset dan een moderne stad. Krappe steegjes waar je met de scooter door kan rijden, maar we zien nauwelijks mensen rijden. Gezellige pleintjes met kraampjes en kerken en kleine huisjes met schilderingen en doorkijkjes. Een verademing. Bekijk op de Wikipedia-pagina een panorama van de kustlijn.

Misschien denkt u: ‘Piran, Piran, waar ken ik dat toch van?’ Nou, het stadje heeft een rijke historie en is regelmatig in Italiaanse, danwel Veneziaanse handen geweest. Toen het onderdeel was van de Republiek van Venetië werd de Italiaanse violist en barok-componist Giuseppe Tartini er geboren. Naar deze man werd het Tartiniplein vernoemd en een groot standbeeld siert het toch al fraaie plein verder op.

Wij wandelen van dit plein naar het hoogste punt van het dorp – waar een niet voor publiek toegankelijke kerk staat – en vervolgens via de boulevard met een ijsje (als ontbijt dus) en de nauwe straatjes terug naar dit centrale plein. Onderweg kopen we nog wat fruit, welke we op dit plein opeten, genietende van de ochtendzon. Daarna wandelen we terug naar de auto, want hoe mooi Piran ook is, het is niet onze eindbestemming.

Rakek is dat trouwens ook niet, maar ja, we moeten nu echt een keer iets fatsoenlijks eten. Na hartelijk te hebben gelachen om de Sloveense plaats Logatec (Sponsored by) nemen we de eerstvolgende afslag op zoek naar een supermarkt. Dat blijkt zo makkelijk nog niet maar Rakek heeft een dorpswinkel annex supermarkt waar we lunch kopen. Het brood van deze Mercator-winkel blijkt voortreffelijk. Ik moet ook behoorlijk nodig naar de wc, maar word in de rock ’n rollkroeg geconfronteerd met een vrouw die geen woord, maar dan ook echt geen woord Engels kan. Uiteindelijk zie ik het bordje W.C. en door ernaar te wijzen wordt mijn boodschap blijkbaar duidelijk. Het is goed. Bonus: eerste WiFi-hotspot die ik tegenkom, dus meteen een mooie gelegenheid voor wat foto’s van de prachtige omgeving.

 

(Overigens zijn de plaatsnamen in Slovenië soms best verwarrend, het kan dus best voorkomen dat ik de verkeerde plaatsnaam hier opschrijf en dat ik hierop word gewezen door mijn reisgenoten. In dat geval zal ik de naam stiekem veranderen in de goede naam)

Na een bijzonder geslaagde lunch – hoewel geconfronteerd met de eerste wespen van de vakantie – rijden we met hervonden enthousiasme door richting Bled. We zijn inmiddels van cd gewisseld. We genieten van de hoogtepunten uit het oeuvre van Taylor Swift. Een erg geslaagde mix van leuk werk, al zeg ik het zelf, en de cd zal nog vaak in de speler in onze Peugeot worden gestopt.

We vervolgens onze weg naar het noorden en passeren enkele indrukwekkende bergen op de weg. We zijn deze vakantie nog niet echt verkeerd gereden (dankzij TomTom). Nu hebben we de TomTom ingepakt gelaten om met onze navigatieskills de eindbestemming te bereiken. Afslag Bled is dus een mooi moment om verkeerd te rijden. We worden daarbij geholpen door de borden, die pas op het aller-, allerlaatste moment aangeven dat de afslag OOK in de richting van Bled is. Dus rijden we een stuk door en draaien dan om.

Naar mate we dichter bij Bled komen, wordt het drukker. Bij het binnenrijden van Bled doet het zelfs Zuid-Frankrijk-achtig aan… Veel Nederlanders, allemaal in de file. Het is hier nog toeristischer dan verwacht. Niet dat we daar per se op spugen, maar het is natuurlijk extreem vet als je gewoon gezellig kunt kletsen over de rare mensen om je heen in het Nederlands. Gelukkig zitten wij niet in Bled zelf, maar net daarbuiten en nemen vlak na het binnenrijden van het stadje de weg linksaf. We verlaten de toeristische file en de bebouwde kom en volgen de weg. Met een beetje geluk komen we in het dorpje waar ons appartement staat: Bodešče.

Bodešče is zo’n dorpje dat wel meerdere straten heeft (drie) maar geen straatnamen. Alle huizen zijn genummerd. Nou, dan weet u wel hoe laat het is. Met wat zoekwerk stoppen we uiteindelijk bij een huis waarvan we denken dat het het onze is. Door een gezellig (lees: wat gezette) Sloveense boerenvrouw worden we verwezen naar het volgende huis. We rijden iets door en jawel: de “kindvriendelijke” tuin, de parkeerplaats en een lachende vrouw die verdacht veel lijkt op de vrouw die ons net de weg wees, doen ons vermoeden dat we nu wel goed zitten. Verder komt Bodešče ofwel over als een idyllisch dorpje, ofwel een dorpje waar Nazi-Duitsland naar toe is gevlucht en ’s nachts ontwaakt om niets-vermoedende toeristen te ontvoeren. Een soort kruising tussen Hot Fuzz en het begin van Inglorious Basterds dus. Het zullen de Alpen op de achtergrond wel zijn…

Knoert heeft vooral contact gehad met haar man, die goed Engels spreekt, maar Katharina (of iets wat daar op lijkt) spreekt zelf bijzonder slecht Engels. Haar Duits is echter vloeiend, ten minste, als je “Bett? Gut?” en “Zimmer? Gut?” vloeiend wil noemen. Het blijkt voldoende om met haar te kunnen communiceren. Ze laat ons de bovenverdieping van het huis zien. De onderverdieping is voor onze huisbazen zelf. Als ze eenmaal onze gegevens heeft genoteerd mogen we onze bagage uit gaan laden, maar niet voordat we een doorzichtig drankje getiteld Slivovitz hebben weg ge-ad-fundum-ed. “Ist gut?” Google vertelt me nu dat we toen dus pruimen-brandewijn hebben gedronken. “Ist gut ja…”

Na het uitladen en verdelen des kamers (Mischa, Knoert en ik op de slaapkamer, Pim en Erwan in de kamer naast de woonkamer/keuken) doen we boodschappen voor het avondeten in Bled. Het is er nog steeds druk, maar we vinden wel een Mercator waar we hetzelfde brood scoren als dat van de lunch. Deze avond eten we Kip, rijst met paprikasaus en een scala aan groenten. Het is goed te eten. De paprika’s kosten maar 29 cent. Kopen kopen kopen!

Daarna gaan we op pad om de omgeving te verkennen. We lopen een rondje in de avondschemering, wat heuvels op en af en langs een oud, vervallen kerkje. De volgende dag zullen we een echte wandeling in de omgeving gaan maken, maar voor vanavond laten we het hierbij. We eten chips, zappen wat op de tv en drinken een biertje (een zwangere vrouw in een alcoholreclame? Het kan in Slovenië!). Er zitten hier veel muggen, maar er is een andere insectensoort waar we de komende dagen nog meer last van zullen krijgen.

3 reacties

Knoert en ik hadden echt een kutnacht gehad. Er was sowieso de hele nacht al herrie, maar rond (ik schat) een uur of 5 begon één of andere vrouw constant heel doordringend te jammeren. Uren lang. Heel fijn. Voor de record wil ik graag ook even kwijt dat het maar net van de klok af hing waar je op keek of we te laat waren. Volgens de autoklok wel, maar volgens mijn telefoon en de TomTom waren we gewoon ruim op tijd. 😛

Stefans vakantiemix was inderdaad beter dan ooit tevoren (TS CDs uiteraard niet meegerekend). Er is nog wel een hoop verbetering mogelijk (bijv. geen CD), maar toch: complimenten.

Geef een antwoord