[Bodešče] 6: Ljubljana, Kamnik en Radovljica

Zondag 14 augustus 2011

Dus zondag blijkt een beetje een duffe dag in Ljubljana te zijn. De stad die ik me nog het beste kan herinneren uit de hoofdsteden-van-Europa-topografie-overhoringen in de auto onderweg naar familie uit mijn basisschooltijd, is heus niet helemaal uitgestorven op de dag des heren, maar deze volgens onze reisgids ‘bruisende ontmoetingsplaats voor Europese jongeren’ is wel in een zekere rust gehuld. Dat betekent dat de gezellige marktkraampjes vandaag leeg zijn en dat veel winkels en gebouwen zijn gesloten.

Toch is het niet ongezellig, er zijn wel degelijk toeristen en ook de rommelmarkt draait op deze zondag gewoon op volle toeren. Samen met Mischa en Knoert zoeken we leuke ansichtkaarten. Die zijn niet alleen van Sloveense steden, maar ook van omliggende landen (en zelfs Zweden). Eén bijzonder mooie ansichtkaart is van Kamnik, maar daar zijn we niet geweest. We besluiten dat we daar dan eventueel nog maar naartoe moeten rijden. Zover is het nu ook weer niet. We kopen de kaarten en lopen vervolgens door het centrum op weg naar het kasteel van Ljubljana (dat, als je het eenmaal een paar keer hebt opgeschreven, best eenvoudig te spellen is – Ljubljana dan, hoewel ‘het kasteel’ spellingtechnisch gezien ook geen uitdaging is voor mij).

Het kasteel ligt op een heuvel en dit vormt dan ook de eerste uitdaging voor onze geblesseerde reisgenoot. Erwan beschikt over uithoudingsvermogen (dat zal ook later deze vakantie nog blijken) en loopt de helling op, zonder veel klagen over kreunen. Erwan verhaalt nog van de dag dat hij hier als kind door zijn vader werd aangemoedigd naar boven te wandelen maar daar niet zo’n zin in had. Ik ben even vergeten of hij dat toen nu wel of niet heeft gedaan – maar ik gok van niet.

Hoe dan ook, op deze dag wandelt Erwan wel door Ljubljanski Grad, zoals het kasteel heet. Ik mag hier wel onthullen dat Patrizia ons heeft aangeraden niet te betalen voor een bezoek aan het kasteel. Het is namelijk niet zo heel erg de moeite waard, volgens haar. Ik beredeneer dat we al genoeg hebben gespendeerd aan Kasteel Mira Mare, dat ook niet het meest indrukwekkende kasteel ter wereld was (al was het ook niet onaardig) en ik laat me leiden door mijn eerste indruk en die is niet al te positief. Het kasteel is een mix van oude en nieuwe elementen, waarbij voor de nieuwe elementen vooral glas is gebruik. Deze moderne elementen geven het oude kasteel een nogal toeristisch karakter en beperken de sfeer tot een minimum. We wandelen een beetje over de binnenplaats en komen daar onder andere in aanraking met het initiatief ‘Lezen onder de bomen’ – waar je kan – inderdaad – lezen onder de bomen (er staat een kar met lectuur).

Wij besluiten niet te gaan lezen onder de bomen en zetten in plaats daarvan de afdaling in. Via een andere route dan hoe we naar boven zijn gekomen, belanden we weer in het stadscentrum. We lopen verder langs allerlei bezienswaardigheden waaronder het Bisschoppelijk Paleis en de drie bruggen waar Ljubljana om bekend staat. Hongerig belanden we op een gegeven moment op het terras van een goedkoop pension/restaurant, waar we pizza bestellen en worden aangevallen door wespen en mussenpoep. De pizza’s smaken prima, al krijgen Erwan en Pim de verkeerde pizza (namelijk een vegetarische).

De algemene opvatting blijkt dat we na deze lunch Ljubljana wel zo’n beetje gezien hebben en dus besluiten we naar Kamnik – de stad van de ansichtkaart te rijden. Wellicht kunnen we daar ook het avondeten nuttigen. Daar blijkt het nog wat vroeg voor, zeker in combinatie met de late lunch die we hebben gehad. Maar we klagen niet en wandelen door het mooie stadje Kamnik, waar net het entertainment voor de kleintjes is begonnen en de voorbereidingen voor een mooie feestavond worden begonnen. We spenderen eerst onze tijd op een van de hogere heuvels van de stad (we kunnen Erwans enkel niet vaak genoeg testen, immers) om van het uitzicht te genieten. En dat is best mooi, omdat het bergen combineert met de inwoners van het stadje die gewoon hun gang gaan. Eeuwigheid tegenover alledaagsheid, dus… Maar Knoert staat ook op deze foto:

Na deze onderbreking zijn we toe aan een goed glas drinken, maar de locatie blijkt een heikel punt. Hoewel we meerdere terrasjes tegenkomen, wil Mischa graag een terras met uitzicht op een markt, maar het mag niet te druk zijn. Dus lopen we heel Kamnik af en passeren we onvermijdelijk ook de stijgende weg naar het volgens onze reisgids ‘wat saaie museum.’ Een museum dat zelfs volgens het boekje saai is, dat moeten we zien! Dus lopen we naar boven, waar we niet de enige toeristen zijn, maar verder wel tot de ontdekking komen dat dit museum vandaag gesloten is. Toch hebben we wederom een aardig uitzicht over stad, moeten we concluderen.

We weten wederom via een andere weg af te dalen om uiteindelijk naast het busstation neer te strijken op het foutste terras wat we tot dan toe zijn tegengekomen: metalen tafels, grote prullenbakken van ijsmerken… Kortom: het soort terras wat je in Nederland en Duitsland bij een zwembad zou aantreffen. Het is hier dat onze dorst het wint van ons uithoudingsvermogen en dus bestel ik hier vier cola en een aardbeiensap bij de enige medewerkster die de tent op deze zondag draaiende moet houden. We zitten nog maar net of er stopt een bus vol Limburgse bejaarden en families. De naam van de busmaatschappij zal ik hier verder niet noemen, maar het reisgenootschap leek me dusdanig enerverend dat ik oprecht medelijden kreeg met de tieners uit het gezin dat als laatste de bus verliet.

We besluiten op dit terras dat we beter in de buurt van Bled iets te eten kunnen halen of nog beter – uit kunnen gaan eten aangezien het de volgende dag Maria Hemelvaart is en alle winkels dan gesloten zijn en we nog maar voor één dag eten hebben. Zelf eten is er niet bij. En nu hebben we nog geen honger.

Ik koop twee flesjes water voor onderweg – onze watervoorraad voor die dag was al een tijdje op – en terwijl het meisje van de bar alle andere flesjes ook uit haar koelkast laat donderen omdat ze tegelijk aan het bellen is met een vriendin lach ik in mijn vuistje. Klant is Koning, beste dame.

We rijden naar de bergtop in de buurt, waar we een dam willen bouwen – maar die blijkt er al te zijn. Erwan tart het lot en zijn enkel door bovenop een grote rots te klimmen en terwijl ik een panoramafoto van de omgeving probeer te maken word ik meewarig aangekeken door twee ezels in een weiland.

Na deze korte stop rijden we terug naar onze streek, om precies te zijn naar Radovljica. De duisternis heeft dan inmiddels zijn intrede gedaan en we hopen dat er nog een plek is om gezellig te dineren. Na eerst wat matige straatjes te hebben doorgelopen, komen we uiteindelijk aan in een gezellig straatje in het centrum waar zowaar restaurants zijn die er op hun beurt ook gezellig uitzien. Er is ook nog een soort markt gaande, met onder andere oude schoolboeken – maar die trekt onze aandacht minder dan de lekkere etensgeuren. Inmiddels heeft de honger ingezet.

De ober – ik neem voor het gemak even aan dat het ook de eigenaar betreft (zo loopt hij wel rond door zijn restaurant, in ieder geval – blijkt een innemende, forse man die de wereld wel heeft gezien. We zijn nog niet gaan zitten of hij heeft de eerste grappen al gemaakt. Na brood met lekkere olijfolie te hebben gegeten geven we onze bestellingen door. Hij vraagt meteen of we daar mayonnaise bij willen. Op onze vraag of hij dus veel Nederlanders op bezoek krijgt – niet ieder Sloveens restaurant zal mayonnaise hebben – antwoordt hij dat hij enkele jaren in Amsterdam heeft gewerkt en gewoond. Hij spreekt weliswaar geen vloeiend Nederlands, maar hij zou onze gesprekken wel kunnen volgen. Roddelen over de beste man kan vanavond dus niet.

Ondertussen kijken we uit op de heuvelrijke omgeving. Het uitzicht is prachtig – zelfs al is het donker. Als het eten komt, blijkt dit bovendien erg goed te smaken. Ruime porties, rijk gedecoreerd met zowel groente als vlees. De borden zijn aardig opgemaakt. Voor het geld dat we vanavond neertellen hoeven we niet te klagen. Dat doe ik dan ook niet. Het eten is zonder twijfel beter dan ik had gehoopt en het restaurant vormt dan ook een mooie laatste stop van de dag.

Als we later op de avond thuis komen, wordt er vuurwerk in de verte afgestoken. Vandaag is een mooie dag geweest.

Maandag 15 augustus 2011

Zoals u allemaal weet, is het op 15 augustus Maria Hemelvaart. Dat wordt relatief groots gevierd in Slovenië, in die zin dat het druk is op de wegen en dat alle winkels en openbare instellingen gesloten zijn. Ik ben wel toe aan een echte rustdag en Erwans enkel is dat ook, dus doen we het vandaag rustig aan en blijven we in de buurt van onze verblijfplaats. ’s Avonds koken we ‘echte’ pasta – dat wil zeggen pasta met saus en doen we spelletjes. We nemen ons voor de volgende dag – ondanks Erwans enkel – eindelijk een wandeling naar een top van een berg te gaan maken. Waarover de volgende keer meer.

Geef een antwoord