Over de planeten, volgens Sufjan, Bryce en Nico

Zaterdag 7 april was het zover. Het stond al bijna een jaar gepland. 7 april 2012 zou een eenmalige, speciale samenwerking tussen Sufjan Stevens (wie kent hem niet?), Bryce Dessner (The National) en de mij verder onbekende Nico Muhly. De drie heren worden aangevuld door het Navarra String Quartet en het Nederlandse New Trombone Collective – dat uit maarliefst zeven (7) trombones bestaat. Dat het een bijzondere avond in het muziekgebouw Frits Philips in Eindhoven wordt, staat dus buiten kijf. En heel high-brow. Dat is vanaf de eerste gespeelde noot duidelijk.

Een kleine wisseling in het programma – blijkt. We openen niet met de Diacritical Marks van Muhly, maar de Quintets van Dessner. Op de eerste (Blind Willy) na, is het best mooi. Die eerste is vooral vreemd. Dessner speelt op zijn gitaar mee met het strijkkwartet en doet dat niet onverdienstelijk. Het is allemaal ontzettend klassiek – hier geen Bloodbuzz Ohio.

Daarna gaan we door met de Diacritical Marks – waarbij het strijkkwartet gevieren helemaal los kan. Het is bij vlagen grillig, melodieus en zelfs euforisch. Het laatste nummer voor de pauze is van Stevens, mooi maar voorbij voordat je er erg in hebt. Jammer.

Uit alles wordt echter duidelijk dat na de pauze we pas echt los zullen gaan. De trombones hebben we nog niet gezien en er staan ongebruikte piano’s, keyboards en een drumstel klaar. En de olifant in de kamer: een gigantische zwarte bol. Je denkt nog “hangt ie er voor het geluid ofzo?”, maar als er na de pauze ineens animaties worden geprojecteerd is overduidelijk dat dit niet zo is. Ook visueel moet Planetarium, zoals de door Dessner, Muhly en Stevens gecomponeerde liedcyclus, indruk maken. Elf werken (Neptune, Jupiter, Uranus, Venus, Mars, The Sun, Pluto, Moon, Saturn, Earth en Mercury) in ruim drie kwartier tijd. Er wordt niet veel gekletst – alleen gegrapt over het feit dat Dessners gitaar altijd gestemd moet worden en dat Pluto tegenwoordig geen echte planeet meer is, maar een dwergplaneet, maar daar is de avond ook niet naar…

De liedcyclus is op zijn zachtst gezegd indrukwekkend. In het programma schrijft Dessner: Planetarium onderzoekt, in klank en onderwerp, de onderlinge afhankelijkheid van harmonie en disharmonie in het universum. Dat klinkt wellicht een beetje zweverig, maar de zeven trombones zetten je met beide benen op de grond. Ik zag de trombone altijd als een beetje lomp, maar geloof me: als je er zeven naast elkaar hoort, klinken één of zelfs twee trombones ineens verrassend subtiel. Opvallend is het gebruik van autotune: in eerste instantie werkt Sufjans computerstem me op de lachspieren, maar uiteindelijk wordt ook de verguisde autotune een logisch en zelfs passend onderdeel van de avond.

Enigszins gespannen lijkt Sufjan bij tijd en wijle, en gezien het feit dat de meeste stukken vanavond voor het eerst worden gespeeld, maar het lijkt allemaal foutloos te gaan. De opluchting dat het allemaal naar wens is gegaan en in ontvangst wordt genomen met een staande ovatie, is van de gezichten af te lezen. Planetarium is zonder twijfel het hoogtepunt van de avond.

Een encore zit er niet in… Want wat moet je hier nog aan toevoegen? En ook met deze bezetting? Sufjan nu solo een nummer laten spelen zou niet kloppen – de uniekheid van de avond zelfs teniet doen. Nee, dit was mooi als geheel. Het enige wat nog mist is een opname van het geheel. Al staat YouTube al vol met video’s, zou een professionele opname hiervan zeker niet misstaan. Planetarium heeft bij mij alle verwachtingen ingelost. Indrukwekkend.

Hier een video ter illustratie (niet door mij gemaakt):

http://www.youtube.com/watch?v=gQ6MZJDDpxs

Geef een antwoord