Voordat de maand juli voorbij is, wil ik toch nog even een poging wagen een fatsoenlijke blog te schrijven. Niet fatsoenlijk qua opbouw (hak op de tak, van alles en nog wat), maar wel qua inhoud (veel voor weinig). Want hoewel ik mezelf allesbehalve afreken op het feit dat ik hier nog maar zelden blog, (je kunt jezelf niet overal op afrekenen, dat gaat nooit goed), vind ik het toch jammer dat ik het niet meer zo vaak doe als vroeger. Want bloggen over je leven kan best leuk zijn om te doen.

Ik heb vandaag één van de twee piepjonge konijnen van mijn buurmeisje vast mogen houden. Voor de duidelijkheid: ik heb twee soorten buren. Buren bij wie ik in huis woon en buren die in de aangrenzende panden wonen. Dit was het buurmeisje die in het aangrenzende pand woont. We kennen elkaar alleen van het ‘hoi’ zeggen als ik in de tuin mijn boek lees en zij ook naar buiten treedt.

Vandaag was ik op tijd thuis omdat ik ‘s avonds nog een online cursus moest volgen (een leuke cursus, trouwens). Dus had ik na het eten nog een half uurtje om te lezen. Het buurmeisje was een konijnenhok aan het verven. Daar kwam ik pas achter nadat ik belangstellend vroeg naar de duidelijk pas net groengeverfde houten panelen die verspreid over het terras lagen te drogen. Het zag er (nog) niet uit als een konijnenhok, maar ik geloofde haar wel. Ik vertelde uiteraard over mijn overleden konijn, Ko Nijn, die ruim tien jaar bij mijn ouders thuis woonde. Toen kwam ze al snel met een van haar twee konijnen aanzetten. Robbedoes bleek niet bang voor de buurman (drie keer raden hoe de andere heet) en ook niet voor de metershoge afgrond bij het overhandigen van het konijn. Ik heb al aangeboden dat ik wel af en toe voor ze wil zorgen als dat nodig is. Want ik mag geen huisdieren houden hier.

Dat was overigens niet de reden dat ik danste in mijn kamer. Dat was daarvoor namelijk.

Vandaag heb ik ook voor het eerst ijskoffie gemaakt. Ik dronk voor het eerst homemade ijskoffie (naar Sri-Lankaans recept) toen ik halverwege deze maand in London was. In juli was ik  op bezoek bij mijn vrienden daar en bezocht ik onder andere de studio van mijn favoriete band, speelden we gitaar in het park (eigen werk en covers), aten we lekkere dingen (misschien word ik ooit nog een echte foodie) en dronken we Duits witbier in een Oostenrijks restaurant. Dat restaurant zat vol Oostenrijkse folklore, inclusief koebel-optreden van de eigenaar in authentieke klederdracht (Edelweiss!).

Maar we maakten ijskoffie met vanille, melk, ijsblokjes en veel koffie en suiker. Niet gezond, maar wel lekker dus. Dus dat wilde ik graag namaken. Dat lukte, alleen had ik de verhoudingen niet helemaal goed. Te sterk en te weinig vanille en suiker. Verder prima gelukt.

Maar geen reden om door de kamer te dansen. Dat was nog eerder.

Die studio die ik bezocht, daar is deze video opgenomen voor een van de meest catchy liedjes van het nieuwe album van die band… En ik vind hem zo catchy dat ik er van door de kamer ging dansen. Met excuses aan mijn benedenburen. En hopelijk die van u.

 

Previous ArticleNext Article
Stefan is online adviseur, redacteur en tekstschrijver. Hij studeerde Nederlandse Taal & Cultuur in Nijmegen, maar werkt inmiddels bij ZB Communicatie & Media in Ede. In zijn vrije tijd speelt hij gitaar, maakt, ontwerpt en onderhoudt hij websites.

This post has 1 Comment

1
  1. Sri-Lankaanse ijskoffie klinkt een stuk ingewikkelder dan Chinese:

    Stap 1: Zet koffie
    Stap 2: Wacht

    Eventueel kun je dat wachten in de koelkast laten doen, of als je graag ziek wilt worden, kun je ijsklontjes toevoegen.

    Wat voor cursus doe je?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

N.

Nieuw jaar, nieuwe Mac

Kun je vrienden zijn met je computer? Niet iedereen zal warme gevoelens koesteren jegens zijn digitale werkpaard, maar ik wel. Net vóór ik begon bij mijn eerste baan, kocht ik – toen ik nog net recht had op onderwijskorting – een iMac. Het was een hele grote, wel 27”, die ook meteen de tv zou zijn in mijn studentenkamer en later in mijn studio. Ik heb er de nodige films en series op gekeken, ja, maar er ook heel veel opgewerkt: teksten geschreven, websites gemaakt, software gereviewed, van alles. Jarenlang deed hij alles wat er op wilde, zelfs af en toe een spelletje. 

Een paar jaar geleden kreeg hij kuren. De grafische kaart deed het niet meer. Via YouTube-video’s kwam ik erachter dat dit euvel te verhelpen was door de kaart uit de iMac te halen en kort in de oven te bakken. Zo gezegd, zo gedaan. Dik twee jaar lang kon ik mijn iMac nog blijven gebruiken. Tot deze zomer, dan. Net voor ik een livestreamsessie voor Ether Site zou doen met een Duitse vriend, gaf de grafische kaart wederom de geest. Paniek! Snel alles op een andere geleende laptop geïnstalleerd… Sindsdien had ik, op mijn iPad na, geen echte computer meer. En dat was best jammer. Je kunt best veel op een iPad tegenwoordig, maar niet alles…

Eerlijk gezegd vertoonde de relatie met mijn iMac al een aantal jaar scheurtjes. In mijn appartement, waar ik in 2015 (volgens mij) naar toe verhuisde, had ik eigenlijk geen goede plek voor de iMac. Het apparaat stond op de slaapkamer, met het idee “dan kunnen we er soms film op kijken” – maar dat deden we eigenlijk nooit. En als ik de iMac nodig had voor ‘werk’, moest ik ‘m verhuizen naar de woonkamer. Als ik eerlijk ben, stond die gigagrote iMac nu vooral in de weg. 

En dus scheidden onze wegen eind 2020. Ja, ik deed in de herfst nog een poging om de videokaart nogmaals te redden, maar er brak een kabeltje bij het repareren en dat was de druppel: hier was geen redden meer aan. Daarom besloot ik een nieuwe te bestellen. 

Het is een Mac mini geworden. Een redelijk klein apparaat wat ik overal in huis kan neerzetten, net waar ik wil. Waar ik op kan inloggen met mijn iPad, maar die ik ook kan aansluiten op een beeldscherm of op de tv. En die ik kan verstoppen als ik ‘m niet nodig heb. Het is een hopelijk veelzijdig beestje, dat zich zal aanpassen naar gelang mijn gebruik door de jaren zal veranderen.

Afgelopen maandag kwam hij binnen. De eerste software heb ik geïnstalleerd en de eerste klusjes heb ik er zelfs al op gedaan. Ik heb er voor het eerst dit stukje op geschreven en ik heb getest of ik weer mee kan doen met een spelletje Age of Empires II, wat mijn vrienden online af en toe spelen. Het antwoord lijkt: ja!

Ik weet niet of deze Mac mini het ook tien jaar volhoudt. Het is een (iets) goedkoper apparaat dan de vorige iMac uit 2009, maar ik hoop er weer jaren mee vooruit te kunnen. We gaan het zien. 

Ondertussen staat mijn oude iMac nog in een hoek in de slaapkamer. Nadat de bestanden die ik nodig heb, zijn overgezet, gaat ‘ie waarschijnlijk op Marktplaats. De onderdelen zijn vast nog wat waard. Het voelt een beetje als een onwaardig afscheid. Straks staat ‘ie waarschijnlijk onder “available for parts” op Marktplaats. Terwijl we tien jaar samen hebben kunnen nerden, bijna elf jaar zelfs. Samen hebben we de eerste tien jaar van mijn werkende leven doorgemaakt. Maar het eind is gekomen. Hij weet er, zodra ik de harde schijf heb gewist, niet veel meer van. Maar ik zal ‘m niet gauw vergeten.