Maar het wordt geen iPhone 6 plus in ieder geval, want man wat is dat ding groot. Wat moet je daarmee?
(2014)

Nu ik een paar maanden met mijn iPhone 6s rondloop, betrap ik mij op de gedachte: “eigenlijk is die 6s Plus helemaal niet zoveel groter”. Zo zie je maar weer, het is wat je gewend bent. En aan de gewone 6s wen ik dus heel snel. Ik heb geen spijt dat ik de 6s heb genomen (en niet de plus). Maar wat in 2014 en zelfs 2015 nog voelde als onoverkomelijk groot, voelt dankzij de stap van de 5 naar 6s nu als “gewoon nog ietsje groter”.

Verder, de nieuwe functionaliteiten met iOS 9 en de iPhone 6s:

  • 3D Touch: zit nog niet in mijn dagelijkse routine. Die icon-shortcuts op het homescreen gebruik ik in ieder geval nauwelijks. Blijkbaar moet ik dit actief blijven proberen voordat ik het adopteer. Enige handige shortcut tot nu toe: snel toegang tot nieuwste podcasts in Overcast en tot favoriete contactpersonen in de Bel-app.
  • Dichtbij (Maps-functie in het zoekscherm) en nieuwsfunctionaliteit in Spotlight gebruik ik vrijwel nooit. Daarvoor gebruik ik toch mijn eigen apps. Wel gebruik ik sporadisch de Siri-suggesties voor apps en contactpersonen.
  • Mooi scherm, snelle processor.
  • Apple Music mis ik niet bepaald, maar ik mis wel een goed geïntegreerde muziekdienst in mijn iPhone. Ik gebruik nu Spotify om te streamen. Vooral vanwege Discover Weekly en het gebruiksgemak. Als Apple Music een app van dat niveau (en dergelijke goede suggesties) zou opleveren, zou ik zo switchen. Maar nu: nee.
  • Meer apps zouden notificaties moeten kunnen intrekken (net zoals Google bij Hangouts automatisch de notificaties weghaalt als je de chat op een ander scherm al hebt gelezen). Nu is het Notificaties-scherm helemaal volgepropt. En het managen ervan is nog steeds best wel matig. Widgets gebruik ik nauwelijks.
  • Ik zou het cool vinden als Apple op een gegeven moment veelgebruikte functionaliteiten/instellingen (Hotspot aan/uit bijvoorbeeld) proactief gaat aanbieden op een plek waarvoor ik minder hoef te tikken en scrollen.

 

Previous ArticleNext Article
Stefan is online adviseur, redacteur en tekstschrijver. Hij studeerde Nederlandse Taal & Cultuur in Nijmegen, maar werkt inmiddels bij ZB Communicatie & Media in Ede. In zijn vrije tijd speelt hij gitaar, maakt, ontwerpt en onderhoudt hij websites.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

N.

Nieuw jaar, nieuwe Mac

Kun je vrienden zijn met je computer? Niet iedereen zal warme gevoelens koesteren jegens zijn digitale werkpaard, maar ik wel. Net vóór ik begon bij mijn eerste baan, kocht ik – toen ik nog net recht had op onderwijskorting – een iMac. Het was een hele grote, wel 27”, die ook meteen de tv zou zijn in mijn studentenkamer en later in mijn studio. Ik heb er de nodige films en series op gekeken, ja, maar er ook heel veel opgewerkt: teksten geschreven, websites gemaakt, software gereviewed, van alles. Jarenlang deed hij alles wat er op wilde, zelfs af en toe een spelletje. 

Een paar jaar geleden kreeg hij kuren. De grafische kaart deed het niet meer. Via YouTube-video’s kwam ik erachter dat dit euvel te verhelpen was door de kaart uit de iMac te halen en kort in de oven te bakken. Zo gezegd, zo gedaan. Dik twee jaar lang kon ik mijn iMac nog blijven gebruiken. Tot deze zomer, dan. Net voor ik een livestreamsessie voor Ether Site zou doen met een Duitse vriend, gaf de grafische kaart wederom de geest. Paniek! Snel alles op een andere geleende laptop geïnstalleerd… Sindsdien had ik, op mijn iPad na, geen echte computer meer. En dat was best jammer. Je kunt best veel op een iPad tegenwoordig, maar niet alles…

Eerlijk gezegd vertoonde de relatie met mijn iMac al een aantal jaar scheurtjes. In mijn appartement, waar ik in 2015 (volgens mij) naar toe verhuisde, had ik eigenlijk geen goede plek voor de iMac. Het apparaat stond op de slaapkamer, met het idee “dan kunnen we er soms film op kijken” – maar dat deden we eigenlijk nooit. En als ik de iMac nodig had voor ‘werk’, moest ik ‘m verhuizen naar de woonkamer. Als ik eerlijk ben, stond die gigagrote iMac nu vooral in de weg. 

En dus scheidden onze wegen eind 2020. Ja, ik deed in de herfst nog een poging om de videokaart nogmaals te redden, maar er brak een kabeltje bij het repareren en dat was de druppel: hier was geen redden meer aan. Daarom besloot ik een nieuwe te bestellen. 

Het is een Mac mini geworden. Een redelijk klein apparaat wat ik overal in huis kan neerzetten, net waar ik wil. Waar ik op kan inloggen met mijn iPad, maar die ik ook kan aansluiten op een beeldscherm of op de tv. En die ik kan verstoppen als ik ‘m niet nodig heb. Het is een hopelijk veelzijdig beestje, dat zich zal aanpassen naar gelang mijn gebruik door de jaren zal veranderen.

Afgelopen maandag kwam hij binnen. De eerste software heb ik geïnstalleerd en de eerste klusjes heb ik er zelfs al op gedaan. Ik heb er voor het eerst dit stukje op geschreven en ik heb getest of ik weer mee kan doen met een spelletje Age of Empires II, wat mijn vrienden online af en toe spelen. Het antwoord lijkt: ja!

Ik weet niet of deze Mac mini het ook tien jaar volhoudt. Het is een (iets) goedkoper apparaat dan de vorige iMac uit 2009, maar ik hoop er weer jaren mee vooruit te kunnen. We gaan het zien. 

Ondertussen staat mijn oude iMac nog in een hoek in de slaapkamer. Nadat de bestanden die ik nodig heb, zijn overgezet, gaat ‘ie waarschijnlijk op Marktplaats. De onderdelen zijn vast nog wat waard. Het voelt een beetje als een onwaardig afscheid. Straks staat ‘ie waarschijnlijk onder “available for parts” op Marktplaats. Terwijl we tien jaar samen hebben kunnen nerden, bijna elf jaar zelfs. Samen hebben we de eerste tien jaar van mijn werkende leven doorgemaakt. Maar het eind is gekomen. Hij weet er, zodra ik de harde schijf heb gewist, niet veel meer van. Maar ik zal ‘m niet gauw vergeten.